Een afspraak met LINDA.
Media
Door: Maarten van Rossem
Van Rossem zit in de vouwMT nr. 1/2010
Tot mijn verbazing werd mij een paar maanden geleden gevraagd of ik mij wilde laten interviewen door het populaire vrouwenmaandblad
LINDA.. De naamgeefster van dat tijdschrift had zich namelijk enige tijd eerder zeer laatdunkend uitgelaten over de
Maarten! – althans, dat werd mij verteld door een redactrice van de Story die mij om commentaar vroeg. Zelf had ik de kritische opmerkingen van Linda volledig gemist.
Ik had wel begrip voor de bezwaren van Linda. De
LINDA. en de Maarten! zijn allebei tijdschriften die aan een persoon zijn opgehangen, maar daar houden de overeenkomsten dan ook op. De
LINDA. is immers een kijktijdschrift, een soort gedrukte diavoorstelling, de Maarten! een leestijdschrift waar per nummer ongeveer evenveel tekst in staat als in een hele jaargang van de
LINDA.. Een tijdschrift wordt welbewust gemaakt voor een bepaalde doelgroep, vandaar dat met beide bladen, gezien hun uitgangspunten, niets mis is.
Ik wist dus hoe het zat, maar had mij de praktische consequenties voor het interview toch helemaal niet gerealiseerd. De redactie van
LINDA. liet mij kiezen uit liefst drie interviewsters. Mijn beleefde verzoek om door Linda zelf te worden geïnterviewd, werd geweigerd. Twee van de voorgestelde interviewsters waren weliswaar zeer aantrekkelijk, maar zo jong dat ik mij niet kon voorstellen iets met hen te bespreken te hebben. Zo viel de keuze op Fiona Hering, die, werd mij verzekerd, ook heel bekend was van de televisie.
Na enig mailverkeer werd een afspraak gemaakt voor een interview en een foto – tenminste, dat dacht ik. De afspraak bleek niet alleen voor tien uur des ochtends, maar ook voor een ‘fotoshoot’, die maar liefst zeven uur zou duren – van een interview was nergens meer sprake. Toen ik duidelijk maakte dat ik vanwege mijn vreemde dagritme onmogelijk om tien uur kon komen, werd daar zeer lichtvaardig over gedaan. Dat was helemaal niet erg. Ik moest dan wel gefotografeerd worden, maar het ging primair om een ‘shoot’ van Fiona Hering. Op mijn vraag hoe het dan zat met het interview, werd achteloos geantwoord dat ik dat zelf maar met Fiona moest regelen.
Traag begon ik te begrijpen dat het interview met mij slechts een aanleiding was om tien of meer bladzijden spectaculaire foto’s van Fiona Hering af te drukken, omdat er van mij nu eenmaal geen spectaculaire foto’s gemaakt kunnen worden. Precies om twee uur arriveerde ik op de locatie van de ‘shoot’: een schitterend pand aan de Herengracht, verbouwd en ingericht volgens de laatste artistieke inzichten, die jammer genoeg niet de mijne zijn.
Omdat ik gewend ben aan eenzaam opererende fotografen met een bescheiden uitrusting, was ik diep onder de indruk van de ‘shoot’. Hier was voldoende hectiek om een grote speelfilm te draaien. In een van de bovenvertrekken werd Fiona gefotografeerd, terwijl zij dramatisch over een soort chaise longue was gedrapeerd in een al even dramatische zomerjurk.
De fotograaf werd geassisteerd door diverse assistenten, die lijzig maar toch nerveus meldden of de belichting in orde was en Fiona de gewenste mimiek vertoonde. Rond Fiona fladderden verschillende jonge vrouwen met kwastjes die op strategische plaatsen dekkend materiaal aanbrachten.
Het was duidelijk dat men mijn komst als onvermijdelijk zag, maar toch ook als een inbreuk op de prettige gang van zaken. Tsja, wat te doen met de geïnterviewde? Ik mocht achter een doorzichtig bureau gaan zitten, omdat ik volgens de storyline van de ‘shoot’ een sombere psychiater was, die Fiona van haar opgewektheid af moest helpen. Het wekte lichte achterdocht, maar om nu al direct de spelbreker te zijn, dat gaat ook weer niet.
Zo ben ik daar nog ruim twee uur gefotografeerd op de achtergrond van Fiona, waarbij ik vooral werd gefascineerd door de regelmatige observatie dat ‘Van Rossem in de vouw zit’. Toen ik begreep wat dat betekende, leek het mij maar het best permanent in de vouw te blijven zitten. Het kostte mij nog enige moeite om tegen elven des avonds het interview te arrangeren.