Vergeten lessen over politiek

Vergeten lessen over politiek
Door: Maarten van Rossemdinsdag 1 oktober 2019
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.

Waarom weten Nederlanders zo weinig van politiek? Leren ze er wel genoeg over op school? Maarten onderwerpt drie lesmethodes voor maatschappijleer aan een kritische inspectie.

Al jaren verbaast het me hoe weinig mensen af weten van het politieke bedrijf en de parlementaire democratie waarin dat bedrijf wordt uitgeoefend. Dat geldt overigens ook voor veel hogeropgeleiden. Zo hebben veel mensen geen weet van de essentiële verschillen tussen de Eerste en Tweede Kamer.

Dat verbaast des te meer omdat op scholen volgens de voorschriften ‘maatschappijleer’ moet worden gegeven, een vak dat vroeger ‘staatsinrichting’ heette. Staat dat nog steeds op het rooster of is het door gebrek aan aandacht verkommerd? Het kan natuurlijk ook zijn dat de kennis die bij het vak maatschappijleer wordt opgedaan weer even snel wordt vergeten, zoals dat met zoveel middelbareschoolkennis het geval is. Vandaar dat het mij instructief leek eens een paar lesmethoden voor maatschappijleer op vwo-niveau door te nemen. Zou het gebrek aan kennis misschien aan die boeken kunnen liggen? Zijn die, zoals zoveel methodes, zo saai dat ze de kennisverwerving geen goede dienst bewijzen?

De drie lesmethoden bestaan elk uit een leerboek en een boek met opdrachten en oefenstof. Ik heb alleen de leerboeken bekeken. Laat ik beginnen met Seneca. Maatschappijleer met als ondertitel: Minder stampen, meer denken. Zonder meer een lofwaardig voornemen. Voordat je in dit boek iets hebt gelezen, word je echter onvermijdelijk getroffen door grote hoeveelheden volkomen overbodige foto’s van lachende jonge mensen. Wel reclame trouwens voor de voortreffelijke gebitsverzorging in Nederland.

De vele foto’s zijn reclame voor de voortreffelijke gebitsverzorging in Nederland

In Seneca is de inleidende aanpak vrij theoretisch, en dat beviel mij wel. De vraag is hoe je de samenleving zo kunt inrichten dat de meeste mensen gelukkig zijn, zoals in Nederland en de Scandinavische landen. Na die vrij abstracte inleiding volgen hoofdstukken over de verzorgingsstaat, de pluriforme samenleving, de parlementaire democratie, de rechtsstaat en ten slotte de EU.

In paragraaf 5 van hoofdstuk 3 kwam tot mijn lichte verbazing en genoegen de Amerikaanse filosoof John Rawls aan het woord, met zijn beroemde gedachte-experiment, dat ik niemand die ooit over politiek heeft nagedacht wil onthouden. Het gaat als volgt: ‘Stel je voor dat je niet weet hoe, wie of wat je bent in een samenleving. Of je rijk of arm bent, jong of oud, denker of doener, gehandicapt of niet, wel of geen migratieachtergrond hebt. Dat zijn allemaal zaken die je niet weet, zodat je niet kunt redeneren vanuit je eigenbelang. Vanuit die positie, vanuit een “sluier van onwetendheid”, ga je nadenken over de vraag hoe je de samenleving zou inrichten. Zo kom je dan vanzelf tot een rechtvaardige samenleving’ (geciteerd uit Seneca).

Wie dat gedachte-experiment serieus neemt, komt zeker niet uit bij de huidige Amerikaanse samenleving. Dat is natuurlijk mijn conclusie, niet die van Seneca. Dat is wel begrijpelijk; zo’n leerboek moet voorzichtig formuleren. Maar daardoor ontbreekt wel vaak de scherpte, die tot een aardig debat zou kunnen leiden. Gaat het over referenda, dan wordt opgemerkt dat er voor- en tegenstanders van referenda zijn. Je zult niet gauw lezen dat referenda slechts in schijn democratisch zijn en vaak onbeschrijflijke ellende veroorzaken.

 ‘Aan deze maatschappijleermethodes kan het niet liggen’

In het hoofdstuk over de parlementaire democratie lezen we in Seneca dat er een aanzienlijke kloof is tussen kiezers en gekozenen. Dat is inderdaad de communis opinio in Nederland. Dat wil echter niet zeggen dat die kloof er ook daadwerkelijk is. Wetenschappelijk onderzoek van de Leidse politicoloog Rudy Andeweg heeft zo’n vreselijke kloof niet gevonden. Ook is er geen gevaarlijk diepe kloof tussen hoog- en laagopgeleide kiezers. De crisisverschijnselen die de laatste twee decennia aanhoudend zijn toegeschreven aan de Nederlandse democratie zijn deels niet meer dan populistische fabels. Afgezien van deze detailkritiek vond ik Seneca een informatief boek, waarover goed is nagedacht.
 
Thema’s Maatschappijleer heeft meerdere auteurs, maar wie wat heeft geschreven is niet duidelijk. Een ramp is dat niet, maar ik zou het als lezer op prijs stellen als dat in een volgende druk wel duidelijk is. Ook in dit boek tal van foto’s, meest van jonge mensen, die deels volkomen overbodig zijn. Ik begrijp dat er plaatjes in moeten staan, maar die kunnen toch wat educatiever aan de tekst gerelateerd worden?



Thema’s is wat praktischer dan Seneca. Dat neemt niet weg dat alles wat erin moet staan er ook daadwerkelijk in staat. In het hoofdstuk over strafrecht komt bijvoorbeeld in kort bestek alles aan de orde wat een belangstellende krantenlezer moet weten. Bij de behandeling van de parlementaire democratie wordt zeer compact uitgelegd wat gerrymandering is: de politieke manipulatie van de grenzen van kiesdistricten in de VS. Het bijgeleverde kaartje maakt in één oogopslag duidelijk tot wat voor vreemde, ondemocratische situaties dat kan leiden. In het hoofdstuk over de verzorgingsstaat wordt helder uitgelegd dat er verschillende typen zijn. De meest omvangrijke verzorgingsstaten vinden we traditioneel in Scandinavië, de schraalste in de VS en Engeland. Nederland en Duitsland zitten daar zo’n beetje tussenin, dat noemen we het Rijnlandse Model. Al met al zou ik niet zo gauw kunnen bedenken wat er aan Thema’s ontbreekt.

‘Ik zou de kwetsbare modale burger centraal stellen’ 

Het derde boek heet Dilemma - het is evident dat de politieke praktijk en de staatsinrichting met tal van lastige dilemma’s te maken hebben. Ook hier worden de parlementaire democratie, de rechtsstaat, de verzorgingsstaat en de pluriforme samenleving weer keurig behandeld. Er wordt terecht op gewezen dat de Europese Unie veel belangrijker is dan de meeste mensen denken. Zelfs Willem Holleeder staat erin, en dat was wat mij betreft niet nodig geweest. Aan Holleeder is in de loop der jaren al veel te veel aandacht besteed. Hoe minder Holleeder, hoe beter, en dat geldt ook voor zijn vrienden, kennissen, slachtoffers en familieleden. De tekst van Dilemma is doorregen met ‘bronnen’, meest korte stukjes afgedrukt op een steunkleur. Dat staat rommelig en het woord ‘bron’ maakt in dit verband op een historicus een nogal potsierlijke indruk. Dilemma is gelukkig niet voorzien van grote hoeveelheden foto’s van lachende jonge mensen met hagelwitte gebitten.
 
De drie methodes vertonen aanzienlijke verschillen, maar onderhuids lijken ze eigenlijk sprekend op elkaar. De wezenlijke thema’s van de politiek staan er steeds keurig in: de democratie, de rechtsstaat, de parlementaire democratie, de verzorgingsstaat, de problemen van de pluriforme samenleving en de invloed van de EU. Het zijn informatieve en zeer bruikbare leerboeken. Als deze drie methoden effectief worden gebruikt, dan moeten de leerlingen heel behoorlijk geïnformeerd zijn over het politieke bedrijf.
 

Aan deze maatschappijleermethodes kan het niet liggen dat zoveel Nederlanders zo slecht op de hoogte zijn van het functioneren van hun eigen democratie. Waar dat dan wel aan ligt, weet ik eigenlijk niet. Ik kan slechts veronderstellen dat alles wat bij maatschappijleer is opgestoken vergeten wordt, omdat het de meeste mensen helaas weinig interesseert. En zo blijft voor velen de politiek niet veel meer dan een bron van ergernis en vermaak op het laagste niveau.

Hoe zou een handboek maatschappijleer er mijns inziens moeten uitzien? Ik zou de kwetsbare modale burger centraal stellen. Vervolgens zou je kunnen laten zien hoe die burger er in verschillende samenlevingen aan toe is. Kan hij een fatsoenlijk leven leiden, redelijk wonen, kunnen zijn kinderen naar een behoorlijke school en is hij bij ziekte niet aan de heidenen overgeleverd? Dan kan uitgelegd worden waarom de modale burger er bijvoorbeeld in Finland en Canada zoveel beter aan toe is dan in de VS of in Bulgarije. Zo kan dan een ruwe schets worden vervaardigd van de ideale samenleving, die tegelijk praktisch tot de mogelijkheden behoort. Het model houdt immers direct verband met een maatschappelijke werkelijkheid.
Door: Maarten van Rossemdinsdag 1 oktober 2019

Gerelateerde artikelen

'Slechts 65 procent van de Nederlandse scholen haalt het streefniveau'

woensdag 12 juni 2019

Maarten, Vincent en Sis van Rossem over één van hun ergernissen: het Nederlandse onderwijs

donderdag 8 maart 2018

Maarten van Rossem toetst het onderwijs

donderdag 4 januari 2018

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.