Maarten!

Onzichtbare Oranjes

04-04-2013

Het Nederlands koningshuis interesseert geen hond in de VS, schreef Max Westerman in de laatste Maarten! Zelf loopt de correspondent ook niet warm voor de Oranjes.

Een kwarteeuw Amerika heeft mij verpest. Ik kan met geen mogelijkheid meer wennen aan de monarchie, alle opwinding rond de aanstaande inhuldiging ten spijt. Dat krijg je ervan als je te lang woont in een land waar de burgers hun staatshoofd gewoon zelf mogen kiezen, elke vier jaar opnieuw. Dan raak je eraan gewend dat om de top job in de democratie keihard geknokt wordt. Dat de sollicitatieprocedure jaren duurt en de kandidaten van alles moeten bewijzen, behalve dan wat in Nederland de enige eis is: dat het nieuwe staatshoofd familie is van zijn voorganger.


Bij de wisseling van de wacht had ik op z’n minst wat kritische vragen verwacht. Niet alleen over alle schandalen rond het koningshuis, de krankzinnige bedragen die het opstrijkt (veel meer dan Amerika’s first family), en de twijfelachtige talenten van de aanstaande koning. Maar vooral over de hamvraag: moeten we in de eenentwintigste eeuw wel doorgaan met dit instituut, dat door een overweldigende meerheid van naties intussen is afgeschaft en als achterhaald wordt beschouwd? Maar na de berichtgeving over de abdicatie volgden slechts urenlange lofzangen op commerciële en publieke zenders. Zíj heeft het geweldig gedaan, en híj is er helemaal klaar voor. Vanaf een lege Dam wisten onze verslaggevers te melden dat ‘wij’ haar vreselijk gaan missen.

Republiek
Ook in Den Haag klonk geen enkele twijfel over de monarchie. En dat terwijl parlementair verslaggever Frits Wester mij ooit op tv vertelde: ‘Ik weet bijna zeker dat als je het de Kamerleden persoonlijk zou vragen, in het geheim met de deuren en ramen dicht, 75 tot 80 procent zou zeggen: “Jongens, laten we ermee stoppen.” Maar ja, je kunt het niet maken, dus naar buiten toe staat iedereen te juichen.’

De Amerikanen wisten vier eeuwen geleden al dat ze dit niet meer wilden. Toen ze hun grondwet schreven, keken ze ter inspiratie naar die van de oudste republiek: die van de Zeven Verenigde Nederlanden. Je zou het haast vergeten, maar de monarchie waarvan wij denken dat die even Hollands is als klompen en tulpen is ons door een paar grote mogendheden opgedrongen, precies twee eeuwen geleden. We gaan dat nu, beginnend met de troonopvolging, vieren en hebben voor de tentoonstellingen, documentaires en volksfeesten maar liefst twee jaar uitgetrokken.

Twee jaar lang, waarin alle drogredenen voor het instituut er weer uitvoerig bij het volk zullen worden in gestampt. Er is er één waar ik als ex-correspondent redelijk over kan oordelen. Na elk staatsbezoek hoort u dat de Oranjes weer zulke geweldige goodwillambassadeurs waren voor ons land. Feit is dat ze juist op dit punt, waarop ze enigszins van nut zouden kunnen zijn, weinig presteren. Een koningshuis is een levend sprookje. De grootste waarde ligt op het gebied van de publiciteit. Maar in Amerika is van alle Europese vorstenhuizen het Nederlandse koningshuis wellicht het minst bekend, omdat het de publiciteit juist angstvallig uit de weg gaat.

Fietsplanconferentie
Een paar jaar geleden werd gevierd dat Hollanders vier eeuwen geleden aan de wieg van New York stonden. U kunt het zich vast herinneren, want er zijn vele miljoenen van uw belastinggeld besteed aan het promoten van de verjaardag. Veel ervan ging op aan de reiskosten van Nederlandse functionarissen, onder wie het kroonprinselijk paar – allemaal aanwezig in New York bij het Oerol-achtige festival, de Hollandse designweek, de fietsplanconferentie, het haring eten op Wall Street en nog wat andere dingen die de New Yorkers, voor wie het was bedoeld, volledig zijn ontgaan.

De enigen die de focus van het New Yorkse mediageweld op Nederland hadden kunnen richten, waren onze royals. Maar toen het razend populaire tv-ontbijtprogramma Today hun om een interview vroeg, kreeg het nul op het rekest. Onze royals doen namelijk geen livetelevisie, zo kreeg Today te horen. Uit goede bron weet ik dat een Amerikaans Congreslid van Nederlandse afkomst een uitnodiging voor Willem-Alexander wilde regelen om het Congres toe te spreken. Het was een publicitair buitenkansje, maar het aanbod werd door het hof afgewimpeld. De New York Times verzocht de royals, die elkaar leerden kennen in New York, hun favoriete stekjes te delen met de lezers. Het verzoek werd, aldus de krant, ‘door een woordvoerder’ afgewezen, ‘uit zorg dat de Nederlandse media er dan op af zouden gaan’.

Al die terughoudendheid verwonderde me niets. In vijfentwintig jaar Amerika moest ik die vaker constateren. Eind jaren tachtig zond Good Morning America, de grote concurrent van Today, een week lang uit vanuit Nederland. Op hun verlanglijst stond een bezoek aan de koningin. Thanks, but no thanks. ‘We begrepen er niets van,’ zei een medewerker van het programma. ‘Toen we in Zweden waren, werden we met open armen ontvangen door koningin Silvia. En als zij nu in New York is, belt ze uit zichzelf op om te vragen of ze langs mag komen.’ Voor een interviewtje natuurlijk, waarin ze Zweden gratis kan promoten in een programma dat tienduizenden dollars berekent voor een reclamespot.

Vaak huren bezoekende royals zelfs pr-bureaus in om zo veel mogelijk aandacht voor hun land binnen te halen. Die investering werd dubbel en dwars terugverdiend toen het Belgische kroonprinselijk paar in 2000 New York aandeed. Mathilde en Philippe waren tijdens hun bezoek niet uit de krantenkolommen te slaan: elke dag opnieuw juichende koppen over de partijtjes waar zij Belgisch bier, Belgische chocolade en Belgische mode aanprezen. ‘De Belgische mystiek heeft zich nu definitief in Amerika gevestigd,’ feliciteerde een organisator van de trip zichzelf met het succes. Bij het Nederlands Bureau voor Toerisme keken ze jaloers toe. ‘Wat meer betrokkenheid van het Koninklijk Huis bij de Holland-promotie zou heel goed zijn voor Nederland,’ zei de directeur.

Rechter
De angst en minachting voor de media zitten diep bij de Oranjes. Welk ander koningskind zou het in zijn hoofd hebben gehaald om, zoals Willem-Alexander in 2009, het Amerikaanse persbureau Associated Press voor de rechter te slepen omdat het een foto had verspreid van hem en zijn gezin op een Argentijnse skipiste? Nederlandse journalisten zijn intussen zo goed gekneed dat ze alleen fotograferen als het mag – zoals ze ook alleen vragen stellen als de RVD hun toestemming geeft.

Leg dat maar eens aan uit aan een Amerikaanse journalist, die als hij zijn president in het vizier krijgt hem gewoon een vraag toeroept – en dan meestal nog een antwoord krijgt ook. Met de buitenlandse media vallen geen afspraken te maken, weet men dan ook bij de RVD. En dus houden ze die goed op afstand. Bij staatsbezoeken zie je vaak een Nederlandse diplomaat een touwtje spannen waarachter de journalisten zich moeten opstellen. No questions, please! Gek dat die bezoeken ter plekke dan ook weinig of geen aandacht krijgen? Nee dus. Maar het geeft niet. Want wat vooral telt, is dat de eigen onderdanen in de mythe blijven geloven, en daar zorgen de vaderlandse pers en politiek wel voor.

Gerelateerde artikelen




Inloggen


Inloggen
Registreren
Wachtwoord vergeten
Wachwoord vergeten




Inloggen