Arjen van Veelen: ‘Het maakt geen donder uit wie er in het Witte Huis zit’

Door Laurens Bluekens

Arjen van Veelen verhuisde in 2014 met zijn gezin naar Saint Louis in de Amerikaanse staat Missouri. Hij kwam terecht in een failed city in een grimmig, keihard land. Over deze schok schreef hij Amerikanen lopen niet (2018). Inmiddels woont Van Veelen weer enige tijd in Nederland en constateert hij dat ons land steeds meer Amerikaanse trekken begint te krijgen.

In Amerikanen lopen niet schets je een beeld van de Verenigde Staten als land dat in veel opzichten meer lijkt op Brazilië of Zuid-Afrika dan op landen in Noordwest-Europa. Is dat niet te negatief?
‘In het boek beschrijf ik gewoon de schok die ikzelf ervoer toen ik in de Verenigde Staten kwam wonen. Totaal onvoorbereid ben ik naar het land afgereisd, met in mijn hoofd een plaatje van Amerika gebaseerd op films en wat boeken. Dat plaatje klopt van geen kanten. Ik wist heus wel dat Amerika niet alleen maar Route 66-romantiek is, maar er bestaat een levensgroot verschil tussen iets op tv zien en iets zelf dagelijks meemaken. Ik was er bewoner van een failed city, zo ontdekte ik toen ik langs de kant van de weg kinderen zag bedelen om geld bij elkaar te krijgen voor een grafkist voor hun vader, die drie dagen daarvoor was neergeschoten. En dat zie je dan niet één keer, maar verschillende keren. Die grimmigheid heeft me enorm geraakt.

Een glimp van de keiharde kant van de Amerikaanse samenleving ving ik ook op toen de baan van mijn echtgenote wegviel. Via haar werk was ons gezin verzekerd voor ziektekosten, maar nu moesten we daarvoor plotseling iets van 1500 euro per maand ophoesten. De Verenigde Staten zijn als een verrotte boomstam, en Trump is slechts de schimmel die daarop groeit.’
 
Wanneer is het misgegaan met de Verenigde Staten?
‘In de blauwdruk van het land, de Onafhankelijkheidsverklaring en andere teksten uit de begintijd, zit ingebakken dat zwarte mensen buiten de boot vallen. Neem Thomas Jefferson. “All men are created equal,” schreef hij, maar hij bezat zelf honderden slaven. Die vielen kennelijk buiten zijn definitie van all men. Dan kun je zeggen: dat is dik twee eeuwen terug; de Verenigde Staten zijn geëvolueerd, we hebben de burgerrechtenbeweging gehad, er is stemrecht voor iedereen, de segregatie is verdwenen, en als kers op de taart hebben we zelfs een zwarte president gehad. Maar dat is maar ten dele zo, want ik trof een land aan dat de facto totaal gesegregeerd is. Dan heb ik het niet alleen over segregatie tussen zwart en wit, maar ook over stad versus platteland.

‘Als je geld hebt en een goede baan, is Amerika een topland’

Tussen de jaren vijftig en zeventig was er een bloeitijd, waarin het land voor veel mensen, ook de zwarte middenklasse, beter werd. Het Route 66-gevoel leefde toen, in elk geval in de hoofden van de Amerikanen: ze konden een gezin vormen, een auto bezitten en op vakantie gaan in Californië – en dat allemaal betalen van de baan van papa in de fabriek. Maar al vanaf de jaren zeventig begon die droom in duigen te vallen. Dat was geen onvermijdelijk natuurverschijnsel, daar zaten politieke keuzes achter: een radicale keuze voor de markt en de globalisering. In Saint Louis had je ooit duizenden banen in de schoenenindustrie; nu maken kinderhanden in Azië die schoenen en zijn veel goede banen verdwenen. Daardoor scheurt het hele weefsel van zo’n stad. En op het platteland zie je overal kapotte stadjes en vervallen boerenbedrijven.’
 
Hoe heeft het land zich na je vertrek in 2016 ontwikkeld?

‘De titel van mijn boek is dubbelzinnig. Amerikanen blijken in mijn boek juist heel veel te lopen. Bijvoorbeeld omdat ze geen geld hebben, maar ook omdat ze letterlijk de straat op gaan. Dat is voor een stad als Saint Louis ongekend. Dankzij Trump is er voor het eerst veel aandacht voor de fundamentele problemen van het land. Het is verbazingwekkend en hoopgevend dat de ideeën van Elizabeth Warren en Alexandria Ocasio-Cortez tegenwoordig veel steun genieten. Zij pleiten ervoor om te repareren wat er de afgelopen decennia misging. Ocasio-Cortez noemt zich democratic socialist en zet zich in voor betaalbare zorg voor iedereen, Warren wil een minimumloon van 15 dollar per uur, zodat je kunt leven van een baan. Die ideeën slaan niet alleen aan in de linkse Twitter-bubbel en bij hipsters in New York, maar ook op het platteland. Net als Trump heeft Ocasio-Cortez het vermogen om groepen aan te spreken die heel ver van de politiek af staan. Het is ook hoopgevend dat het Amerikaanse presidentschap eigenlijk niet zo belangrijk is. Bij staten, steden en dorpen ligt veel meer macht dan in Nederland het geval is. Zoals de voormalige Nederlandse ambassadeur in Washington Henne Schuwer in een interview met NRC Handelsblad zei: “Nederland doet direct zaken met de staten. We negeren het Witte Huis.”’

De presidentsverkiezingen zijn dus niet zo belangrijk?
‘Klopt. Het doet er voor de gewone Amerikaan niet zoveel toe wie er president is. Neem nu het minimumloon; dat is aan het dalen sinds 1968. Dat ging zo onder Bill Clinton, onder George Bush, onder Barack Obama. Wat mijn blik op de Verenigde Staten misschien nog wel het meest heeft veranderd, is dat Saint Louis al decennialang door Democraten wordt geregeerd. En juist in die stad zag ik de meest gruwelijke en economische ongelijkheid, met een derde van de inwoners onder de armoedegrens, het hoogste aantal moorden van het land per inwoner en stuitend racisme, waar protest werd neergeslagen met traangas. En dat alles oogluikend toegestaan door de bewierookte Obama. De Democraten zijn dus niet per se de good guys.

Je moet echt voorbij Democratisch-Republikeins kijken. Maar laat de verkiezingen nu juist heel erg op dat onderscheid inzoomen. Het maakt geen donder uit wie er in het Witte Huis zit. De ideeën van Warren en Cortez die massaal weerklank vinden, het socialisme dat weer salonfähig is en linkse politici die zelfkritisch zijn en niet meer de schuld bij anderen leggen – dát zijn de belangrijke ontwikkelingen waarop we ons moeten richten. En niet op Trump. Hij is ideaal om alle problemen van de wereld op te projecteren, en daar maakt hij handig gebruik van, omdat hij zich dan in de slachtofferrol kan manoeuvreren. Maar het is niet zo dat de problemen van de Verenigde Staten met hem plotsklaps verdwijnen.’
 
Welke problemen schreeuwen het hardst om een oplossing?
‘Het land heeft dringend behoefte aan grotere baanzekerheid, goede gezondheidszorg en studiefinanciering. Van het minimumloon dat je er met een 40-urige werkweek verdient kun je niet rondkomen. De activistische beweging die daaromheen al voor Trump ontstond, is gelukkig heel succesvol. Op staats- en stadsniveau kun je het minimumloon omhooggooien, en dat gebeurt nu ook. Dat betekent veel meer voor het individu dan de vraag wie er president is.’
 
Mis je de Verenigde Staten?
‘Ik ben net gestopt met missen. Ik mis het om zomaar te kunnen gaan kanoën, bijvoorbeeld op de Mississippi, en daarna wild te kamperen langs de kant. Als ik hier in Rotterdam met een kano de Maas op ga, word ik er meteen af gehaald. En fikkie stoken moet je in Nederland al helemaal niet proberen. De romantische kant van Amerika die we kennen van Tom Sawyer bestaat wel degelijk. Naar die kant zou ik meteen terug willen. Als je geld hebt en een goede baan, is Amerika een topland, met meer vrijheid en ruimte dan in Nederland, grotere diversiteit in opinies en een groter politiek engagement. Maar als je aan de andere kant zit, is het een keihard land. Die twee kanten zie je precies terug in Saint Louis.’ 

‘Ook in Nederland zijn bibliotheken tegenwoordig opvangcentra voor daklozen’

Terug in Nederland is je missie de ‘tekenen des tijds’ te beschrijven. Zo schreef je een pleidooi tegen de verdwijning van de bagagedrager en vóór het daadwerkelijk delen van een fiets in plaats van deelfietsen huren, die je ziet als symbool van individualisme. Daaruit spreekt veel nostalgie.
‘In Amerika heb ik geleerd dat nostalgie in bepaalde opzichten gewoon terecht is. Vroeger was zeker niet alles beter, maar wel veel. Je moet alleen goed scheiden wat valse romantiek is en wat echte. Ik heb enorm getwijfeld of ik in mijn boek over de Verenigde Staten nu ook een epiloog moest opnemen waarin ik stel dat alles wat voor dat land geldt ook voor Nederland van kracht is. Uiteindelijk heb ik dat stuk eruit gelaten, omdat je de twee landen nu eenmaal niet makkelijk kunt vergelijken. Maar er zijn wel degelijk parallellen.’
 
Zoals?
‘Ook in Nederland zijn we de welvaartsstaat, opgebouwd in de decennia na de oorlog, aan het aftuigen. Neem de studiefinanciering; die is uitgevonden om kinderen uit armere milieus ook te laten studeren. Daarvoor ben ik heel dankbaar, want anders had ik zelf waarschijnlijk nooit kunnen studeren, en zeker geen Grieks en Latijn. Nu is het idee dat studenten kunnen lenen om te studeren. Dat is het meest zieke wat je kinderen kunt aandoen, want dan hebben ze al voor ze de arbeidsmarkt op gaan een stuk beton aan hun voeten. Gelukkig begint het politici te dagen dat het leenstelsel echt niet meer kan. Het einde van het systeem lijkt in zicht.

Je ziet de verharding van de maatschappij ook terug in de publieke ruimte: toen ik terugkwam in Nederland en zwervers in de bibliotheek zag zitten, kon ik alleen maar denken dat bibliotheken net als in Amerika de facto daklozenopvangcentra zijn geworden. De participatiemaatschappij klinkt fantastisch, maar dan moeten er wel financiële middelen voor zijn. Zo hoorde ik laatst dat de brandweer in Rotterdam de woningcorporaties waarschuwde omdat er een sterke toename is van het aantal branden. Waarom? Door bezuinigingen op de GGZ zijn meer mensen gedwongen zelfstandig te wonen en die komen in de sociale huur terecht. Die mensen zijn eigenlijk totaal niet zelfstandig en laten dan weleens een kaarsje of een sigaret vallen – brand. Het is makkelijk om de Verenigde Staten te bekritiseren, maar ook wat wij in Nederland hebben is niet rotsvast. Het grappige is dat als ik zoiets zeg tijdens een lezing, mensen soms boos worden. Ze vinden het leuk als je laat zien hoe erg Amerika wel niet is, maar ze hebben nauwelijks door dat je in ons land niet fatsoenlijk kunt leven van veel “normale banen”. Vraag dat maar aan alleenstaande moeders met een baan in de zorg.’
 

 


In een ander stuk maak je je boos over de maatschappelijke druk die er tegenwoordig is om een zuiver mens te zijn, bijvoorbeeld aangaande het klimaat: gij zult geen vlees eten en gij zult niet met het vliegtuig reizen.
‘De opdracht om een zuiver mens te zijn is totaal onhaalbaar. Hoe hard je ook je best doet, een neutrale ecologische voetafdruk zul je nooit hebben – het zal nooit goed genoeg zijn. Toch kun je, soms vanuit de beste bedoelingen, door klimaatvrienden aangesproken worden op je gedrag als je bijvoorbeeld een stuk vlees eet. De strakke leefregels, sociale controle en onmogelijkheid om het helemaal goed te doen herinneren me aan mijn religieuze opvoeding. Ik word er heel recalcitrant van als iemand mij vertelt hoe ik moet leven. Op existentieel niveau bepaal ik zelf hoe ik mijn leven leid, tenzij je mij aanwijst welke godheid hier gezag heeft. Shamen is niet de manier om mensen te motiveren het goede te doen en zie ik meer als een afleidingsmanoeuvre.’
 
Op welke manier kunnen we het klimaatprobleem dan aanpakken?
‘Individuele maatregelen als overstappen op veganistische shampoo omdat je denkt dat dat beter is voor de wereld zijn niet de oplossing, maar gewoon weer een vorm van consumeren. Kijk naar de uitstoot van de gemeente Rotterdam: daarvan komt 90 procent van de haven. Slechts een procent of zes komt uit jouw auto, jouw maaltijd enzovoort. Daarom kunnen we beter als collectief een vuist maken naar de overheid: zij moet de koe bij de hoorns vatten en de industrie bijvoorbeeld een flinke belasting op kolen opleggen. Als burgers is het slim om ons te verenigen, niet om naar elkaar te wijzen.’
 
Kader:
Arjen van Veelen (1980) studeerde klassieke talen in Leiden. Hij gaf les op middelbare scholen en werkt als journalist voor onder meer nrc.next en De Correspondent. Hij publiceerde de volgende boeken: Over rusteloosheid (2010), En hier een plaatje van een kat & andere ongerijmdheden van het moderne leven (2013), Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken (2017) en Amerikanen lopen niet. Leven in het hart van de VS (2018). Van Veelen is getrouwd met wetenschapper Rosanne Hertzberger. Samen hebben ze twee zonen.


Uit: Maarten! 2019-4

Gerelateerde artikelen

‘Deze verkiezingen laten zien: de populistische schimmel zit overal’

Hoe Amerika zijn superioriteit verloor

Max Westerman: ‘Dit keer verliest Trump echt’

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.