De sterke man faalt

DOOR BART DE KONING

In Wit-Rusland wankelt dictator Alexander Loekasjenko na 26 jaar. Maar elders in de wereld hebben sterke mannen het tij mee, al zijn ze vaak slechte bestuurders. Waarom trekken autoritaire leiders dan toch zoveel stemmen?

Uit Maarten! 3-2020. Bestel het nummer hier.

‘De nieuwe generatie dictators pakt het slim aan,’ zo betoogde Maarten! begin 2016. Klassieke dictators, zoals Stalin en Mao, regeerden met grof geweld en maakten tientallen miljoenen slachtoffers. Ook de rechtse junta’s in Latijns-Amerika martelden en vermoordden in de jaren zeventig en tachtig tienduizenden burgers. Moderne dictators, zoals Vladimir Poetin, Viktor Orbán en Recep Tayyip Erdoğan vermommen zich als democraten. Burgers mogen op verschillende partijen stemmen en kiezen uit diverse kranten en tv-stations. Uiteindelijk heeft de sterke man het voor het zeggen, maar er is enige speelruimte. Er is zeker repressie, maar zonder concentratiekampen of voetbalstadions met duizenden gevangenen.

De moderne dictator heeft geleerd van de fouten van zijn brute voorgangers: je kunt de zakelijke en intellectuele elite van een land beter voor je laten werken dan dat je ze over de kling jaagt. De pijnlijke conclusie van het verhaal was dat de sterke mannen succesvol waren: ‘Het ziet ernaar uit dat de moderne dictator een blijvertje is.’

We kunnen, zo’n vijf jaar later, wel zeggen dat dat een understatement was. Of beter gezegd: een onderschatting van het probleem. Er zijn sindsdien nogal wat sterke mannen bij gekomen: Jair Bolsonaro in Brazilië, Rodrigo Duterte op de Filippijnen en natuurlijk niet te vergeten Donald Trump in de Verenigde Staten en Boris Johnson in het Verenigd Koninkrijk. De sterke mannen die er in 2016 al zaten zijn nog autoritairder geworden en doen steeds minder moeite om de schijn van een democratie overeind te houden.

Vladimir Poetin heeft een wetswijziging doorgeduwd waarmee hij president voor het leven kan blijven. Recep Erdoğan heeft na de mislukte staatsgreep tegen hem in 2016 duizenden journalisten, ambtenaren, politiemensen, rechters en militairen weggezuiverd en opgesloten. De populistische premier van India, Narendra Modi, zet zijn hindoe-achterban steeds openlijker aan tot geweld tegen moslims. Victor Orbán heeft de coronacrisis aangegrepen om zichzelf vrijwel onbeperkte volmachten te geven. De Poolse regering heeft een wet aangenomen die rechters strafbaar stelt als hun uitspraken de staat schaden. Benjamin Netanyahu heeft zichzelf boven de Israëlische wet geplaatst en ontloopt al jaren justitiële vervolging wegens corruptie.

Ze liegen routineus: over de risico’s van corona, over de voordelen van de Brexit of gewoon over alles, zoals Donald Trump

Natuurlijk zijn er grote onderlinge verschillen tussen al deze landen. Rusland en Turkije hebben een lange traditie van autoritaire regimes, Polen en Hongarije zijn pas een jaar of dertig verlost van het communistische juk, terwijl de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk eeuwenoude democratieën zijn. Maar er is wel een rode draad: het gaat in alle gevallen om populistische leiders, die beloven hun volk te beschermen tegen binnen- en buitenlandse vijanden en de vergane roem, eer en glorie van het vaderland te herstellen.

Ze voeren allemaal verbeten gevechten met onafhankelijke rechters, toezichthouders, wetenschappers en journalisten. Ze liegen routineus: over de risico’s van corona, over de voordelen van de Brexit of gewoon over alles, zoals Donald Trump. En ze zijn allemaal schaamteloos corrupt: Trump heeft zijn hele familie het Witte Huis binnengesleept; Bolsonaro en Netanyahu hebben hun zoons lucratieve baantjes bezorgd; de regering van Boris Johnson verstrekt op ondoorzichtige wijze overheidsopdrachten aan bedrijven met goede connecties.

Nu is wanbeleid in dictaturen én in democratische landen – met liegende, corrupte of populistische politici – natuurlijk niets nieuws. Inwoners van klassieke dictaturen hebben daarbij niets te kiezen: verzet is kansloos, zoals in Noord-Korea, of wordt met bloedig geweld neergeslagen, zoals in Syrië. De werkelijk verbazingwekkende ontwikkeling van de afgelopen decennia is dat miljoenen burgers in talloze landen vrijwillig en bewust gekozen hebben voor autoritaire leiders die openlijk de democratische rechtsstaat afbreken en ook openlijk corrupt zijn.

Donald Trump heeft eens gezegd dat hij iemand op Fifth Avenue kon doodschieten en dat hij dan nog steeds gekozen zou worden. Het erge is dat hij hier – voor de verandering – eens de waarheid sprak. Het kan zijn kiezers helemaal niets schelen hoeveel schandalen hij veroorzaakt; ze staan onvoorwaardelijk achter hem. In alle opiniepeilingen is er door de jaren heen een harde kern van ruim 40 procent van de Amerikanen die vindt dat Trump een prima president is.

De andere Amerikanen en de rest van de wereld kijken verbijsterd toe. En niet alleen daar – hoe is het mogelijk dat een meerderheid van de Turken kiest voor Erdoğan en zo bewust de nog prille Turkse democratie om zeep helpt? Waarom hebben de Brazilianen na verlost te zijn van een bloedige militaire dictatuur toch weer de uiterst rechtse militair Bolsonaro verkozen? Waarom willen meerderheden in Polen en Hongarije na een paar decennia vrijheid terug naar een autoritair bestuur? Ze worden daarbij luid toegejuicht door westerse populisten, zoals Marine Le Pen in Frankrijk en Geert Wilders en Thierry Baudet in Nederland, die ook opvallend enthousiast zijn over Poetin en Trump.

 

Over deze voorliefde voor populistische sterke mannen en afkeer van de traditionele westerse democratie is al veel geschreven. De meest voor de hand liggende verklaring voor de autoritaire verleiding is dat sommige mensen nu eenmaal van nature behoefte hebben aan autoriteit. Onderzoek van psychologen en politicologen bevestigt keer op keer dat de behoefte aan gezag en structuur diep ingebakken zit in mensen, en bij sommigen veel meer dan bij anderen.

Zo schrijft de Australische psycholoog Karen Stenner in The Authoritarian Dynamic dat in elke samenleving ongeveer een derde van alle witte mannen ‘eenheid en samenhang’ verkiest boven ‘vrijheid en diversiteit’. Zij hebben dus, ongeacht de omstandigheden, sowieso bezwaren tegen de moderne, open en vrije samenleving. Dit tamelijk basale inzicht was in vergetelheid geraakt in de euforie na de val van de Muur, toen democratie en vrije markt aan hun zegetocht begonnen. Het duurde een paar decennia voordat de oeroude roep om autoriteit weer de kop opstak.

Het probleem was dat die vrije markt en de democratie hun belofte van vooruitgang niet hebben waargemaakt. De welvaart is in verreweg de meeste landen de afgelopen decennia sterk toegenomen, maar daar heeft niet iedereen van geprofiteerd. Of het nu gaat om de witte Nederlandse arbeiders die vroeger PvdA stemden, hun Amerikaanse tegenhangers die Democratisch stemden, of de Poolse en Hongaarse arbeiders die na de val van de Muur de krachten van de vrije markt vol in hun gezicht kregen – in alle gevallen geldt dat oude zekerheden verdwenen, grenzen opengingen, er groepen mensen op achteruitgingen en een betrekkelijk kleine zakelijke en bestuurlijk elite snel rijk werd. Enter de sterke man die wel raad weet met rancune en angst onder de kiezers.

Sterke mannen kunnen schaamteloos losgaan; voor het Witte Huis hoeven ze niet meer bang te zijn

Twee ontwikkelingen hebben die trend enorm versterkt. Met het aantreden van Donald Trump als president lijken de Amerikanen hun rol als hoeder van de vrije wereld opgegeven te hebben. Natuurlijk was het Amerikaanse buitenlandse beleid nooit vrij van eigenbelang en cynisme – zie de invallen in Irak, of de bemoeienissen van de CIA met Latijns-Amerikaanse dictaturen. Maar bevordering van democratie en vrede was wel degelijk vaak een oprecht doel. Denk aan het beschermen van West-Europa en Zuid-Korea tegen het communisme, of het leiden van de vredesonderhandelingen in voormalig Joegoslavië.

Trump heeft het morele nihilisme van Vladimir Poetin overgenomen: niemand deugt, overal zitten complotten achter en mensen die de wereld willen verbeteren deugen al helemaal niet. Het Witte Huis negeert en saboteert internationale samenwerkingsverbanden zoals de NAVO, de Verenigde Naties en de WHO.

Dat biedt sterke mannen over de hele wereld de kans om schaamteloos los te gaan, want voor kritiek uit het Witte Huis hoeven ze niet meer bang te zijn. Dus kondigt Duterte op de Filippijnen aan dat doodseskaders jacht gingen maken op vermeende drugsgebruikers, kapt Bolsonaro schaamteloos in hoog tempo oerwoud om, en annexeert Netanyahu Palestijns grondgebied. Omdat ze van elkaar ook zien dat ze er voortdurend mee wegkomen, jagen ze elkaar op in steeds schaamtelozer gedrag.

De tweede belangrijke ontwikkeling is corona. In crisistijd is er altijd behoefte aan sterk leiderschap en aan krachtige maatregelen, ook bij mensen die daar normaal gesproken niet dol op zijn. In Nederland nam de waardering voor premier Mark Rutte door de coronapersconferenties sterk toe – het rally around the flag-effect. Dat is begrijpelijk en logisch, maar het schiet snel door. Zo begon minister van Volksgezondheid Hugo de Jonge direct met de ontwikkeling van een app die moest waarschuwen of de drager mogelijk besmet was met corona.

Hoewel er veel onduidelijk was over nut en noodzaak van zo’n app, was het wel duidelijk dat de variant die De Jonge aanvankelijk voor ogen had een nachtmerrie voor de privacy zou zijn: de Nederlandse overheid zou de burgers verregaand kunnen bespioneren. En het was slikken of stikken: zonder app zou de lockdown langer duren, volgens De Jonge. Ook de eerste versie van de coronanoodwet die het kabinet schreef, gaf nogal wat bevoegdheden aan de minister van Volksgezondheid, zonder democratische controle en zonder dat duidelijk was waarom al die macht in handen van één persoon nodig was.

 

In de eerste weken van maart, toen de coronacrisis ook Nederland vol trof, keken veel mensen bewonderend naar China. Artikelen in NRC Handelsblad, Volkskrant, Trouw, maar ook in Belgische media prezen de krachtdadige Chinese aanpak van corona met lockdowns, strenge controles en zelfs automatische gezichtsherkenning. Ook andere Aziatische landen, zoals Singapore, Taiwan en Zuid-Korea, deden het een stuk beter dan het Westen.

De verklaring ervoor zou zijn dat Aziaten een collectivistische cultuur hebben en wij in het Westen ons individualistische belang vooropstellen. Het waren de bekende afgekloven clichés waar managementboeken al sinds de Japanse exportsuccessen in de jaren zeventig vol van staan. Daarna legden de experts die er echt verstand van hebben, zoals hoogleraar Korea-studies Remco Breuker, maar weer eens geduldig uit dat dat echt onzin was. Aziaten zijn geen andere mensen dan Europeanen en ze hebben geen speciale voorkeur voor dictaturen. Niet voor niets proberen veel Noord-Koreanen hun land te ontvluchten, hebben de Zuid-Koreanen zich ontworsteld aan een militaire dictatuur en vochten de inwoners van Hongkong maandenlang op straat voor hun vrijheid.

Het ‘China-pakt-corona-beter-aan-dan-het-Westen’-sprookje kreeg daarna nog een paar geduchte knauwen, toen bleek dat de arts die in januari als eerste waarschuwde voor het virus monddood was gemaakt, dat de autoriteiten in Wuhan wekenlang gewacht hebben met maatregelen, en dat het echte aantal doden in China vermoedelijk veel hoger is dan het regime officieel meldt. Hier kwamen, kortom, de nadelen van een dictatuur lelijk aan het licht. In een democratie zouden lagere overheden al veel eerder aan de bel getrokken hebben en anders zouden klokkenluiders in de vrije pers hun waarschuwingen hebben kunnen uiten.

Populistische politici beweren dat zij een mythisch verbond hebben met ‘het volk’, zonder dat ‘de elite’ daartussen kan komen

De coronacrisis versterkt dus de roep om autoritair gezag, maar toont tegelijk het falen ervan genadeloos aan. Poetin, Trump, Bolsonaro en Johnson hebben allemaal de risico’s van corona veel te lang ontkend, waardoor de ziekte in Rusland, de Verenigde Staten, Brazilië en het Verenigd Koninkrijk keihard toesloeg. Dat komt doordat sterke mannen een moeizame verhouding hebben met de waarheid en feiten. Zij houden de fictie op dat zij als populistische politici op de een of andere manier een soort mythisch verbond hebben met ‘het volk’, zonder dat ‘de elite’ daartussen kan komen. Omdat zij weten wat ‘het volk’ wil hoeven ze niet te luisteren naar experts, beleidsambtenaren, wetenschappers, adviseurs en journalisten. Die ‘zitten in een ivoren toren’ of zijn ‘witte wijn drinkende grachtengordelelite’, ‘oikofobe cultuurmarxisten’, ‘Gutmenschen’, ‘fake news’, ‘mainstream media’ of ‘partijkartel’ (de beledigingen verschillen van land tot land).

Voor de mensen die tot die ‘elite’ behoren is de totale minachting voor feiten onbegrijpelijk. Factcheckers hebben president Donald Trump inmiddels op 20.000 leugens betrapt, maar dat deert zijn aanhangers in het geheel niet. De Britse onderzoeker en schrijver Peter Pomerantsev onderzoekt in zijn zeer leesbare en verontrustende boek This Is not Propaganda: Adventures in the War Against Reality hoe autocraten hun strijd tegen de waarheid en feiten voeren. Ze verspreiden niet zozeer een bepaalde ideologie met gerichte propaganda, zoals het Kremlin vroeger deed, maar vooral een eindeloze stroom bullshit, halve leugens en jij-bakken. Het gaat erom dat er zoveel versies van de waarheid circuleren dat de waarheid zelf er totaal in verdrinkt.

Zo hebben de Russen een eindeloze hoeveelheid complottheorieën over het neerschieten van MH-17 verspreid. Die waren verzonnen en zelfs innerlijk tegenstrijdig, maar het ging niet om de geloofwaardigheid – het ging erom in het Westen twijfel en verdeeldheid te zaaien.

Ze verspreiden een eindeloze stroom bullshit, halve leugens en jij-bakken

Pomerantsev beschrijft hoe bevrijdend het voor veel mensen is om afstand te nemen van het rationele denken en zich te laven aan de populistische beloftes en het bijbehorende complotdenken. Het is alsof Pinokkio Japie Krekel van zijn schouder af gooit: eindelijk verlost van dat betweterige ventje dat steeds maar verstandig advies geeft. In plaats van saaie en ingewikkelde technocratische verhalen over het belang van Europese integratie, de gevaren van klimaatverandering, de hervorming van het pensioenstelsel of stikstofnormen, is er de sterke man met zijn eenvoudige boodschap.

Pomerantsev wijst erop dat alle populisten en sterke mannen, zoals Xi Jinping, Trump, Poetin, Erdoğan, Orbán, Le Pen en Baudet, een verhaal hebben over verloren gegane glorie en het herstel van een groots verleden. Alsof China, de Verenigde Staten, Turkije, Hongarije, Frankrijk en Nederland allemaal de Tweede Wereldoorlog hebben verloren en al decennialang achteruitkachelen en vernederd worden. Dat is natuurlijk onzin, maar het gevoel gekrenkt of benadeeld te zijn is een onmiskenbaar onderdeel van het populisme. Met uiteraard de bijbehorende zondebok – de elite, de media et cetera.

In de mensenwereld hebben die frames behoorlijk veel succes, maar virussen trekken zich er niets van aan. Retoriek werkt niet tegen corona. Het was opvallend om te zien dat toen maatregelen tegen het virus onontkoombaar werden, zowel Poetin, Trump als Bolsonaro de afkondiging van impopulaire lockdowns overliet aan gouverneurs en burgemeesters. Hun wegduiken was nogal doorzichtig en het is de vraag of ze ermee wegkomen: zowel Bolsonaro als Trump zag zijn populariteit voor het eerst fors dalen door hun falende aanpak van corona.

Poetin, Trump en Bolsonaro laten de afkondiging van impopulaire lockdowns over aan gouverneurs en burgemeesters

Wie met een puur rationele blik naar de wereld sinds corona kijkt kan rustig concluderen dat het 1-0 staat voor de fatsoenlijk bestuurde democratische landen. Dictatuur China onderdrukte het nieuws over het virus te lang, greep te laat in en liet het ontsnappen, de wijde wereld in. De krachtdadige populisten zijn lelijk door de mand gevallen.

We hebben in Nederland de afgelopen maanden gezien hoe mooi en hoe sterk een democratie kan zijn. Aanvankelijk wilde ook de Nederlandse regering krachtig ingrijpen met alziende apps en een stevige noodwet. Na eindeloze kritiek van experts, journalisten, politici, juristen en waakhonden zoals de Autoriteit Persoonsgegevens bond de regering in. Dat maatschappelijke gekrakeel met bijbehorend oponthoud is geen zwakte, zoals de fans van het ‘collectivistische’ Azië menen, maar een bewezen effectieve methode om rampzalig beleid tegen te houden.

Maar het zou naïef zijn om te denken dat het falen van de sterke mannen nu voor iedereen wel duidelijk is. Als de situatie verergert zouden juist meer mensen zich aangesproken kunnen voelen door hun lokroep, hoe irrationeel dat ook is. Of corona de autoritaire verleiding de komende jaren zal versterken of verzwakken is nog niet te zeggen. ‘Voorspellen is een denksport met veel blessures,’ zoals de cardioloog Ad Dunning ooit heeft gezegd. De stelling ‘De moderne dictator is een blijvertje’ kunnen we na vijf jaar rustig herhalen. De stelling ‘De moderne dictator pakt het slim aan’ zal vermoedelijk de cover van Maarten! nooit meer halen.


Academici onder vuur

Wereldwijde aanvallen op universiteiten en hogescholen, tussen 1 september 2018 en 31 augustus 2019.

Moorden/geweld/verdwijningen 97
Opsluitingen 87
Vervolging 70
Ontslag 22
Reisbeperkingen 11
Andere sancties 37
Totaal 324

Bron: Academic Freedom Monitoring, Scholars at risk.

 

Agressie tegen Amerikaanse journalisten in 2020

155 journalisten aangevallen

51 journalisten gearresteerd

41 keer apparatuur beschadigd

10 keer apparatuur doorzocht of in beslag genomen

Bron: US Press Freedom tracker.

 

Steeds minder vrije landen

1989 1999 2009 2019
Vrije landen 36,1% 44,3% 45,9% 42,6%
Gedeeltelijk vrij 26,5% 31,2% 29,9% 32,3%
Niet vrij 37,4% 24,5% 24,2% 25,1%

Bron: Freedom House, Freedom in the World 2020.

Een land geldt als ‘vrij’ als het op het tientallen objectieve criteria rond democratie, rechtsstaat en burgerrechten goed scoort.

 

Minder vrijheid, meer corruptie

De moderne dictators scoren niet al te best op de corruptielijst van Transparancy International. Denemarken en Nieuw-Zeeland staan traditioneel bovenaan, Somalië bungelt altijd onderaan op plaats 180. Het regime van Orbán heeft Hongarije geen goedgedaan: het land daalde van plaats 47 in 2014 naar 70 in 2019. Turkije duikelde onder Erdoğan van 64 naar 91. Rusland is onder Poetin stabiel corrupt op plaats 137.

 

Gerelateerde artikelen

De lijdende rechter

Caroline de Gruyter: ‘Laat Europa niet verslonzen’

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.