The Sound of music: zingend door nazi-Oostenrijk

The Sound of music: zingend door nazi-Oostenrijk

DOOR JAAP VERHEUL

woensdag 17 januari 2018
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.

Ruim vijftig jaar geleden kwam muziekfilm The Sound of Music uit. Met het romantische sprookje over de muzikale non, de Oostenrijkse zeekapitein en zijn zeven kinderen projecteerden de Amerikaanse makers enthousiast hun eigen waarden op Europa.

Uit Maarten! 2015-1

Het internationale verhaal van The Sound of Music begint met de fascinerende familiegeschiedenis van de familie Von Trapp, die het zingende middelpunt vormt van de film. De lotgevallen van de Europese geschiedenis voerden het gezin in de eerste helft van de twintigste eeuw van Dalmatië via Salzburg naar de Verenigde Staten. De strenge doch charmante familievader uit de film was in werkelijkheid een zachtaardige Oostenrijkse oorlogsheld die na afloop van de Eerste Wereldoorlog met pensioen werd gestuurd. Baron Georg von Trapp, die uit een adellijke marinefamilie uit Kroatië stamde, was een duikbootpionier die een belangrijke rol had gespeeld in de opbouw van de onderzeebootvloot van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog verdiende Von Trapp hoge onderscheidingen door veel geallieerde schepen naar de diepte te jagen en bracht hij het tot commandant van de onderzeeboothaven bij Montenegro.

Maar Oostenrijk verloor de oorlog smadelijk en schrompelde ineen tot een klein grondgebied zonder zeekusten. Door deze geopolitieke catastrofe was het gedaan met de Oostenrijkse marine en de loopbaan van de gevierde duikbootcommandant.

Von Trapp beschikte echter over een aanzienlijk familiefortuin dankzij zijn huwelijk met Agatha Whitehead, een kleindochter van de Britse uitvinder van de torpedo. Nadat Agatha in 1922 aan roodvonk was overleden, trok de weduwnaar zich met zijn zeven kinderen terug op een landgoed in Aigen, bij Salzburg. Hier huurde de baron een non uit het naburige benedictijner klooster Nonnberg in als gouvernante voor zijn kinderen. De abdis wees de 22-jarige Maria Augusta Kutschera aan, een temperamentvol en atheïstisch opgevoed weeskind. Maria had in het klooster haar toevlucht gezocht om orde in haar leven te brengen, maar kon daar na een onstuimige jeugd in de bergen onmogelijk aarden. Terug in de wereld werd de voormalige novice, zoals ze later verklaarde, verliefd op de zeven kinderen voor wie ze mocht zorgen. Daarom besloot ze in 1927 het huwelijksaanbod te accepteren van hun 47-jarige vader. Samen kregen ze nog drie kinderen.

De film bevatte alle onweerstaanbare ingrediënten: nonnen, nazi's, kinderen, familiedrage - en Salzburg op locatie

Wederom werd de idylle verstoord door mondiale rampspoed. Kort nadat Von Trapp in een patriottisch gebaar zijn familiefortuin van zijn solide bank in Londen had laten overmaken naar Oostenrijk, brak de economische wereldcrisis uit. Die maakte hem van de ene op de andere dag bankroet. Nu nam zijn daadkrachtige echtgenote het roer volledig over. Maria besloot dat de kinderen, die eerder als liefhebberij kerkmuziek hadden gezongen, geld konden verdienen als rondreizend koor. Ze gaf het management in handen van de bevriende katholieke priester Franz Wasner, die ook de financiën van de familie op orde bracht.

Dit krachtig geleide Salzburger Kammerchor Trapp werd ontdekt door de wereldberoemde sopraan Lotte Lehmann, won de Salzburger Festspiele van 1937 en werd door de bevriende Oostenrijkse bondskanselier Kurt von Schuschnigg naar Wenen gehaald. Met hun even beschaafde als brave repertoire van volksmuziek, madrigalen en renaissance- en barokmuziek, afgewisseld met blokfluitensembles, waren ze ook in het buitenland gevierd. Na concerten in Parijs, Brussel en Londen trad de ‘Salzburger familie met goud in de keel’, zoals de kranten jubelden, in 1937 ook op in Diligentia in Den Haag.

Dankzij een internationaal netwerk kon de familie Oostenrijk verlaten toen Von Trapps positie onhoudbaar werd door de Anschluss met nazi-Duitsland, in maart 1938. Als monarchistische patriot verwierp hij het nationaal-socialisme en weigerde hij dienst te nemen in de Duitse marine. In de film sluipt de familie tijdens een dramatische voettocht over de Alpen weg richting Zwitserland. Maar in werkelijkheid konden de Von Trapps gewoon per trein naar Italië vertrekken voor een nieuwe tournee. Van daaruit reisden ze door naar Engeland, om in september 1938 over te steken naar de Verenigde Staten.

Het werd nog even spannend toen hun Amerikaanse toeristenvisum na een halfjaar verliep. In maart 1939 laste de familie daarom een korte concertreis in naar Scandinavië en reisde ze vervolgens door naar Nederland. Daar was het ‘muzikale admiraalsgezin’ te gast bij de oud-diplomaat Emile Menten uit Warmond, die het in Wenen had leren kennen. Maar in oktober, een maand nadat de Tweede Wereldoorlog was uitgebroken, gingen de Von Trapps opnieuw scheep naar New York. Dankzij politieke druk van hun vele Amerikaanse fans werden ze nu definitief toegelaten. Ze vestigden zich voorgoed in het dropje Stowe in Vermont, waar de familie nog steeds een gigantisch hotel heeft.

Von Trapp verdiende hoge onderscheidingen door veel geallieerde schepen naar de diepte te jagen

De memoires die Maria von Trapp in 1949 publiceerde onder de titel The Story of the Trapp Family Singers werden een bestseller. Ze bood haar lezers het klassieke immigrantenverhaal, van een religieuze familie die wegvluchtte uit het door de nazi’s bezette Europa en een veilige haven vond in de Verenigde Staten. Ondanks alle tegenslagen en aanpassingsproblemen vonden ze daar de weg naar succes door zich aan te passen aan de Amerikaanse smaak en verwachtingen.

Al in 1956 en 1958 werd het boek verfilmd, in Duitsland. Maar pas in 1959 bereikte het een groot Amerikaans publiek, door een Broadway-musical. Daarvoor componeerde het geniale duo Richard Rodgers en Oscar Hammerstein II de muziek. Het succes van deze uitvoering was de basis voor de Hollywood-film van regisseur Robert Wise. Die verscheen in 1965, met Julie Andrews als Maria en Christopher Plummer als kapitein Georg von Trapp.

De film won vijf Oscars en vele andere prijzen, maar de critici waren weinig enthousiast over de op muziek gezette romance tussen Maria en haar kapitein. De cultuurcriticus Dwight Macdonald ontmaskerde de film als een verwerpelijke vorm van massacultuur, een gestandaardiseerd cultureel product van het moderne kapitalisme dat de kritische zin van de kijkers verdoofde. De mierzoete romance was in zijn ogen niets meer dan ‘pure onvervalste kitsch zonder één valse noot of een vleugje realiteit’. Zijn collega Judith Crist waarschuwde zelfs sarcastisch: ‘Wie aan suikerziekte lijdt, kan beter ver van deze film vandaan blijven.’ Andere critici maakten zich vrolijk over de overvloed aan zingende nonnen, brave clichékinderen en Tiroler kostuums.

Desondanks bleek The Sound of Music een ongekend succes bij het grote publiek. Het werd de eerste film die de recette van Gone with the Wind doorbrak. Gecorrigeerd voor inflatie bracht de film ruim een miljard dollar op, een resultaat dat alleen is geëvenaard door Star Wars Episode IV: A New Hope. In sommige Amerikaanse steden werden twee keer zo veel kaartjes verkocht als er inwoners waren.

Nog steeds prijkt het muzieksprookje hoog op elke lijst van beste films aller tijden en ook de soundtrack voert de ranglijsten aan. De film raakte een snaar bij de Amerikanen. Hoe is dat te verklaren?

De kwaliteit van de film was voor een groot deel te danken aan de professionele cast. Regisseur Wise had zijn sporen verdiend met West Side Story, Andrews had een jaar eerder een Oscar verdiend met haar rol in Mary Poppins en Plummer had al geschitterd in The Fall of the Roman Empire. Criticus Macdonald moest toegeven dat de film op de allerprofessioneelste Hollywood-wijze was geproduceerd en ook nog eens alle onweerstaanbare ingrediënten bevatte: ‘nonnen, nazi’s, kinderen, familiedrama en Salzburg op locatie’. Hij had daar de vele beelden van historische panden, pleinen en stegen aan kunnen toevoegen, en de adembenemende luchtopnames van Oostenrijkse berglandschappen die widescreen op het toen nog innovatieve 70-mm Technicolor waren vastgelegd.

Voor het Amerikaanse publiek wekte de film een suggestie van exotische authenticiteit. Componist Rogers en tekstschrijver Hammerstein hadden zich daarin gespecialiseerd. Vooral Hammerstein, die van Duits-Joodse afkomst was, combineerde loyaliteit aan Amerika met internationalisme en waardering voor andere culturele tradities. De eerste Broadway-musicals die hij samen met Rogers maakte, zoals Oklahoma, Carousel en State Fair, bezongen nog het Amerikaanse landschap en zijn bewoners. In 1949 schreven de twee echter de musical South Pacific, een op de eilanden van de Stille Oceaan gesitueerde romance over interraciale verhoudingen. Dit verhaal bevatte een felle aanklacht tegen racisme. Twee jaar later volgde The King and I, over de moeizame culturele ontmoeting tussen een negentiende-eeuwse Thaise koning en een Britse schooljuffrouw die hij inhuurt om zijn land te moderniseren. In het immigratiedrama Flower Drum Song uit 1958 stond de spanning tussen Chinese wortels en Amerikaanse identiteit centraal. Al deze musicals stelden het universele thema van tolerantie versus wederzijds onbegrip aan de orde en werden bewerkt tot succesvolle films.

Vanwege ziekte kon Hammerstein niet meewerken aan het script van The Sound of Music en leverde hij alleen de songteksten. De rest van het schrijfwerk werd overgelaten aan Howard Lindsay en Russel Crouse, die echter wel in Hammersteins geest werkten. Opmerkelijk genoeg lieten ze het immigratieproces van de familie Von Trapp geheel buiten beschouwing, terwijl Maria het uitgebreid had beschreven in haar memoires. The Sound of Music speelt zich geheel af binnen de landsgrenzen van Oostenrijk aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog en negeert alle internationale contacten die de familie Von Trapp in werkelijkheid verbonden met de buitenwereld. De ‘laatste gouden jaren’ van Oostenrijk – in de jaren dertig – worden opzettelijk neergezet als een pre-modern utopia, waarin het leven nog goed was.

Op die Oostenrijkse wereld van weleer projecteerde de film heel effectief een drama dat voor de Amerikaanse samenleving op het hoogtepunt van de Koude Oorlog heel actueel was: de spanning tussen individuele vrijheid en totalitaire discipline. Deze tegenstelling tussen individu en collectief, tussen eigen wil en vreemde dwang, tussen democratie en dictatuur, geeft de film een diepere emotionele lading, doordat het thema verbonden raakt met een persoonlijke liefdesgeschiedenis. Dit was het grote ideologische conflict van die tijd, waarin de Verenigde Staten tegenover de totalitaire dreiging van de Sovjet-Unie stonden en waarin de strijd tegen nazi-Duitsland nog vers in het geheugen lag. De kracht van de musical en de film ligt in de manier waarop dit abstracte thema voor Amerikaanse kijkers invoelbaar werd gemaakt door de strijd die Maria von Trapp voerde tegen de dwang van klooster, van het gezin en van het nationaal-socialisme.

Dit persoonlijke drama wordt heel sterk geïntroduceerd in de openingsscènes, waarin de levenslustig Maria over een bergweide danst en door de klokken van het klooster wordt herinnerd aan de plichten en ritmes van het kloosterregime. Het kloosterleven wordt gepresenteerd als een goedaardig keurslijf dat simpelweg ongeschikt is voor het karakter van Maria. Zoals de nonnen zingend concluderen: ‘Maria is geen aanwinst voor de abdij.’ In de film blijft niets over van de diepgevoelde religieuze bezieling die spreekt uit de latere memoires van Maria. Maar er is evenmin sprake van enig antikatholiek sentiment.

Met haar even beschaafde als brave repetoire was de 'Salzurger familie met goud in de keel' ook in het buitenland gevierd

Tot ontzetting van Maria blijkt ook het gezin van kapitein Von Trapp een op militaire leest geschoeid regime. ‘De eerste regel van dit huishouden is discipline,’ deelt Von Trapp haar kortaf mee. Maar aan deze dwang weet de eigenzinnige gouvernante zich te ontworstelen met behulp van muziek en lange zwerftochten door de vrije natuur van Oostenrijk. Zoals de huishoudster Frau Schmidt uitlegt: ‘De Von Trapp-kinderen spelen niet. Ze marcheren.’ Zang blijkt een instrument van persoonlijke bevrijding voor Maria en de kinderen. Maar ten slotte ontdooit Maria ook kapitein Von Trapp, die het verstands­huwelijk met een barones afwijst en letterlijk zijn eigen stem terugvindt. Het huwelijk met Maria is een logisch slotakkoord van deze gemeenschappelijke verbroedering.

In de tweede helft van de film is de muziek vrijwel verdwenen en maakt de intieme romance plaats voor de politieke tegenstelling tussen de Oostenrijkse nationale identiteit en het door Duitsland opgedrongen nationaal-socialisme. Doordat de luchtige musical in een grimmig politiek drama verandert, wordt het de kijker duidelijk dat het gelukkige gezinsleven alleen behouden kan worden binnen de vrijheid om eigen keuzes te maken. Het is daarom onvermijdelijk dat het gezin die vrijheid tegemoet vlucht, gesymboliseerd door de ongerepte natuur van het Oostenrijkse berglandschap, de nationale trots. Hoewel de film dit onbesproken laat, wisten de kijkers dat achter die heuvels de immigratie naar de VS lonkte.

Hoewel jaarlijks talloze toeristen bij wijze van cinematografische bedevaart naar Salzburg afreizen om de locaties van de film te bezoeken, is er geen Oostenrijker die zich in het beeld van The Sound of Music herkent. Ze kunnen daarbij wijzen op vele feitelijke onjuistheden. Het is bijvoorbeeld vrijwel onmogelijk om via de bergen van Salzburg naar de grens van Italië of Zwitserland te lopen, en bovendien zou de route onvermijdelijk voeren langs Hitlers buitenverblijf bij Berchtesgaden. Niemand in Oostenrijk is zo gek om ‘schnitzel met noedels’ te eten, laat staan ‘knapperige apfelstrudels’, zoals het lied ‘My Favorite Things’ suggereert. En natuurlijk liepen niet alle Oostenrijkers rond in traditionele kledij. Voor het Oostenrijkse publiek biedt de film vooral lachwekkende stereotypes.

De film heeft nog steeds veel internationale fans en tot op de dag van vandaag worden over de hele wereld uitvoeringen van de musical op de planken gebracht. De vele meezingversies laten zien dat The Sound of Music een echte cultfilm is geworden. In de kern is het een ideologische allegorie die essentiële waarden van vrijheid en individuele expressie tot uitdrukking brengt. Als een product van de Amerikaanse verbeelding is het ook na een halve eeuw nog fascinerend. En daarnaast is het gewoon de beste film aller tijden. 

Maarten: ‘Op zich heb ik niets met zingfilms – ik vind het bizar als acteurs ineens in gezang uitbarsten – maar dit achtergrondverhaal werpt een verhelderend licht op The Sound of Music. De Koude Oorlog-achtergrond is duidelijk voelbaar, net als de nabijheid van WO2. Zo bezien wordt deze zoete film toch interessant. 

Uit Maarten! 2015-1
 

woensdag 17 januari 2018

Gerelateerde artikelen

Hitlers seculiere religie

donderdag 21 december 2017

'Een meesterwerk? Wat is nou een meesterwerk?'

woensdag 6 december 2017

De lichtpunten van Amerika

woensdag 6 december 2017

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.