‘We zijn vergeten hoe de natuur er vroeger uitzag’

Natuurhistoricus Marc Argeloo beschrijft in Natuuramnesie hoe kennis van de natuur verdwijnt uit ons collectieve geheugen. De huidige generaties hebben geen goed beeld van de natuur uit de tijd van hun ouders en grootouders. Ze weten niet meer hoe die eruitzag. Als we ons hiervan bewust zijn, kunnen we volgens Argeloo voor beter natuurherstel zorgen. ‘De grijze walvis kan dan weer in de Waddenzee zwemmen.’

Door Tim Poelman

Honderd jaar geleden was Nieuw-Guinea nog bedekt met oerwoud. Tegenwoordig overheersen daar op veel plaatsen steden, wegen en elektriciteitsmasten. Het is een voorbeeld in Natuuramnesie van de veranderingen die de mens heeft aangebracht in de natuur. De huidige generaties lijken zich vaak niet bewust van deze veranderingen. En dat geldt niet alleen voor de natuur op verre eilanden, maar ook voor die in Nederland. Marc Argeloo ervoer dit voor het eerst tijdens het vissen. Toen hij merkte dat zijn vangsten na verloop van tijd kleiner werden, begon hij een onderzoek onder oudere generaties vissers. Het leverde hem de eerste anekdotes op voor zijn boek.

Wat is ‘natuuramnesie’?

‘We weten bijna niet hoe de natuur er een aantal generaties geleden aan toe was. Door deze collectieve vergeetachtigheid verschuiven onze referentiekaders en ijkpunten met iedere generatie. Dat wordt het shifting baseline syndrome genoemd. Dat zie je overal ter wereld terug.

Iedereen weet dat leeuwen bedreigd zijn en dinosaurussen zijn uitgestorven. Maar wie is er bekend met het oerrund, dat tot 1627 in de Europese natuur leefde? Ontwikkelingen in de natuur, zoals het uitsterven van diersoorten, worden niet in dezelfde mate vastgelegd en overgeleverd als andere historische gebeurtenissen.’

‘Ik maak me zorgen over het tempo waarin de natuur achteruitgaat’

En dat is een probleem.

‘Of het een probleem is, laat ik aan de lezer over. Ik geef het zo feitelijk mogelijk weer. Maar tegelijkertijd: achteruitgang is achteruitgang. Negentig verschillende diersoorten in een gebied zijn er minder dan honderd. Als je mijn mening toch wilt weten: ik maak me zorgen over het tempo waarin de natuur achteruitgaat en de onwetendheid daarover.’

Wat kunnen we eraan doen?

‘Door meer aandacht te schenken aan de geschiedenis van de natuur beseffen we beter welke invloed ons handelen erop heeft gehad. Onze historische kennis van culturele en maatschappelijke zaken is heel groot. Maar ons natuurhistorisch bewustzijn is zeer beperkt. Het is een blinde vlek. Dit kunnen we veranderen.’

Hoe kunnen we dat doen?

‘Laten we een overzicht maken van chronologische ontwikkelingen, op basis van feiten. Die geschiedenis kunnen we dan onder de aandacht brengen van een breder publiek, zodat ieders algemene kennis verder gaat dan het uitsterven van de dodo en het voortbestaan van de reuzenpanda. Dat kan in musea, in tijdschriften of in televisieprogramma’s. Neem bijvoorbeeld de televisieserie Het Verhaal van Nederland. Een prachtig verhaal, maar het gaat nergens over de invloed van de mens op de natuur.

In de wetenschap wordt pas sinds veertig jaar op grotere schaal aandacht besteed aan de terugloop van diersoorten. Dat kan gaan over aantallen, maar ook over gewicht en lengte. Er komt ook steeds meer aandacht voor diersoorten die al uitgestorven zijn. Maar deze kennis moet uit het wetenschappelijke domein worden getrokken, en dat probeer ik met dit boek te bereiken.’

Waarom is die natuurhistorische interesse er in de wetenschap nog maar zo kort?

‘Vanuit de ecologische hoek begon men in de jaren negentig steeds meer met een historische blik naar de natuur te kijken. Dat gebeurde op verschillende plekken in de wereld. Vanaf deze tijd werden steeds meer waarnemingen van dieren en planten systematisch en digitaal vastgelegd. In Nederland werd bijvoorbeeld een online platform gelanceerd waaraan iedereen zijn waarnemingen kon toevoegen. Tegenwoordig kun je ook waarnemingen vastleggen via apps op je smartphone.’

 

Een in 1577 bij Saaftinge aangespoelde walvis, / Visboeck, Adriaen Coenen (Foto: Koninklijke Bibliotheek).

 

Welke boodschap heeft u voor beleidsmakers?

‘Ik hoop dat ze dankzij mijn boek kijken naar de mogelijkheden van specifieke soorten of bepaalde geografische gebieden. Enkele eeuwen geleden zwommen er in de Noord- en Waddenzee nog grijze walvissen met een lengte tot vijftien meter. Die kalfden daar mogelijk ook en zochten er naar voedsel. Tegenwoordig is de veel kleinere bruinvis nog de enige walvisachtige die er veel voorkomt. Als het besef er niet is dat er ooit grotere walvissen zwommen, dan zal het beleid er voornamelijk op gericht zijn om de bruinvis te behouden, maar niet om grotere walvissen weer te verwelkomen. Als je aan natuurherstel wilt werken moet je kijken naar wat er mogelijk is. Die grijze walvis kan weer in de Waddenzee zwemmen als we de juiste omstandigheden creëren. Of herstellen.’

‘De geschiedenis laat de grote veerkracht van de natuur zien’

Vindt u het Nederlands natuurbeleid ambitieus genoeg?

‘Nee, dat vind ik niet. Er is veel kennis en veel innovatief vermogen. De Natura 2000-gebieden komen voor een groot deel uit Nederlandse koker. Het Natuurnetwerk Nederland, dat natuurgebieden beter moet verbinden, diende daartoe als voorbeeld. Ecoducten over snel- en spoorwegen zijn belangrijk om verbindingszones tussen natuurgebieden te realiseren. Die kennis en dat vernuft zijn positief, maar we moeten opschalen en ambitieuzer zijn.’

Is dat realistisch in een land als Nederland?

‘Misschien niet overal, maar in dunbevolkte delen van ons land kun je voortborduren op de bestaande ecologische hoofdstructuur van Natuurnetwerk Nederland. We moeten het gewoon doen: naar de tekentafel gaan en beginnen. Dan loop je misschien ergens vast, maar dat geeft niet. Als je niets doet, blijf je achteraan bungelen. De geschiedenis laat zien dat de veerkracht van de natuur groot is. De Onlanden, op de grens tussen Groningen en Drenthe, zijn daar een mooi voorbeeld van. Daar is het historisch natuurlijke systeem waarmee water van Drenthe naar de Waddenzee stroomde hersteld. Door deze aanpassing kun je er nu de immense veerkracht van de natuur zien als deze weer de ruimte krijgt.’

‘Het verleden kan een inspiratiebron zijn voor natuurherstel’

Hoe kan Nederland aan natuurherstel doen als het klimaat zo snel verandert?

‘Het verleden moet niet als blauwdruk worden gebruikt voor natuurherstel, maar wel als inspiratiebron. Rust, ruimte en tijd vormen de sleutel. De natuur is in staat zich aan te passen aan het veranderende klimaat. Maar dat betekent niet dat we achterover kunnen leunen. Daarvoor moeten de juiste omstandigheden worden gecreëerd. In Nederland hebben we daar de zogeheten klimaatbuffers voor aangewezen, waar natuurlijke processen de ruimte krijgen. Maar voor veel soorten zullen de veranderingen toch te snel gaan, daarom moeten we af van de versnipperde natuur. De verbindingen zijn belangrijk. Als een soort zich van Spanje naar Nederland kan verplaatsen, kan die meebewegen met klimaatverandering. En als dat niet kan, is het is het voor veel soorten simpelweg afgelopen.’

Natuuramnesie. Hoe we vergeten zijn hoe de natuur er vroeger uitzag
Marc Argeloo
432 p. Atlas Contact, € 26,99

Bestel het boek hier

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Gerelateerde artikelen

Jac. P. Thijsse: de aartsvader van de natuurbescherming

Hoe Nederland eruit zou moeten zien volgens Maarten

Nederland Rivierenland: Kristalheldere herinnering

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.