‘Democratie is meer dan een vakje rood kleuren’
Gepubliceerd op:
Door Maarten van Rossem en Teun Willemse • Foto’s Sander Heezen
Een Derde Kamer waarin gelote burgers zich buigen over problemen als stikstof, veiligheid en jeugdzorg. Dat zou onze democratie veel democratischer maken, zegt Eva Rovers. En dat is nodig, want we staan op een kantelpunt. ‘Onze democratie kan crashen. Maar wij als inwoners van dit land kunnen dat voorkomen.’
Uit Maarten! 2026-1. Bestel losse nummers hier of word abonnee
Na een Iers succesverhaal raakte historicus Eva Rovers gegrepen door het burgerberaad. In plaats van biografieën begon ze pamfletten te schrijven en werd ze met haar platform Bureau Burgerberaad een ambassadeur voor veel meer inspraak van inwoners in de politiek. In een Amsterdams café staat ze voor een uitdaging: Maarten overtuigen van het nut van een burgerberaad.
Maarten: Ik ben vrij sceptisch. In 2006 is er een burgerberaad gehouden over ons kiessysteem. Dat leverde terughoudende adviezen op, er stonden geen baanbrekende dingen in.
Eva: ‘Het doel van een burgerberaad is ook niet om tot spectaculaire aanbevelingen te komen, maar tot zinnige ideeën die oog hebben voor de hele samenleving. Zonder blinde vlekken. Overigens zijn een aantal van die aanbevelingen later overgenomen door de commissie-Remkes, die ze kennelijk waardevol vond. Tot nu toe organiseren we in Nederland vooral lokale burgerberaden: in Heerlen over leefbaarheid, in Amsterdam over afval en in Zeist over het miljoenentekort op de gemeentebegroting. In Utrecht hebben we vorig jaar een burgerberaad over de omgang met vuurwerk gehad.’
Daar woon ik, maar ik heb er niets van meegekregen.
‘Dat is een van de problemen: burgerberaden zijn incidenteel en je hoort er weinig over. Nu we worden overstroomd met nieuws over hoe slecht het gaat in de politiek, zou het goed zijn als er meer aandacht naar dit soort positieve ontwikkelingen zou gaan. Mensen moeten weten dat die er ook zijn.
‘We hebben onze democratische rol uitbesteed aan de politiek’
Zelf kwam ik op het spoor van burgerberaden door nieuws uit Ierland. De Ieren waren al ruim 25 jaar lang compleet verdeeld over abortuswetgeving, toen er in 2016 een burgerberaad werd georganiseerd: 99 inwoners met alle mogelijke opvattingen over abortus gingen daarbij met elkaar in gesprek en nodigden ervaringsdeskundigen, artsen, juristen en belangengroepen uit. Ze streamden hun bijeenkomsten, zetten alle informatie online en kregen veel media-aandacht. Daardoor veranderde ook het gesprek aan de keukentafel en op de werkvloer: dat werd minder gepolariseerd. De Ieren kregen door dat de abortuskwestie meer was dan een debat tussen pro-life en pro-choice. Er zat een hele schakering aan mogelijkheden tussen. Dat heeft uiteindelijk tot een grondwetswijziging geleid.’
Hoe gaat een burgerberaad in zijn werk?
‘Dat verloopt grofweg in drie fases: leren, delibereren en concluderen. Gelote inwoners leren elkaar en het onderwerp kennen, ze praten met deskundigen en gaan daarna met elkaar in dialoog – géén debat – om uiteindelijk tot aanbevelingen te komen. De afgelopen jaren ben ik naar de plekken in Europa gereisd waar ze permanente burgerberaden hebben, zoals in Parijs. Daar bestaat naast de verkozen gemeenteraad een geloot burgerparlement dat rouleert en jaarlijks twee onderwerpen oppakt. Het mooie aan Parijs is dat deze inwoners van hun aanbevelingen een wetsvoorstel kunnen maken. Dat krijgt exact dezelfde behandeling als een wetsvoorstel van een gemeenteraadslid.’
Hoe kom ik eigenlijk in een burgerberaad?
‘Je moet ingeloot worden. In 2025 vond het Nationaal Burgerberaad Klimaat plaats met 175 Nederlanders uit alle hoeken van de samenleving, die allerlei verschillende opvattingen hadden over het klimaat. Na een eerste willekeurige loting mochten burgers doorgeven of ze wilden meedoen. Dan kun je verwachten dat vooral mensen met zorgen over het klimaat zich melden, dus volgde er een tweede, gewogen loting. Daarin is rekening gehouden met bepaalde kenmerken, zodat er ongeveer evenveel mannen als vrouwen tussen zaten, dat het opleidingsniveau gelijk was aan het landelijk gemiddelde en dat mensen met verschillende houdingen ten opzichte van klimaat aanschoven. Klimaatactivisten en -sceptici zaten dus met elkaar aan tafel. Het burgerberaad is niet alleen maar “halleluja” en gezellig, er worden pittige gesprekken gevoerd.’

Hoe voorkom je dat zoiets ontspoort?
‘Een gespreksbegeleider zorgt ervoor dat de mondige mensen het gesprek niet domineren, en breekt in als het een “welles-nietes”-discussie wordt. Ze zorgen dat mensen een dialoog kunnen voeren; elkaar niet overtuigen, maar zoeken naar overeenkomsten. De ervaring dat je een stevig gesprek kunt voeren over een ingewikkeld onderwerp met mensen die er heel anders in staan en daar toch samen uit kunt komen, is voor velen echt een openbaring.’
Kwamen deze burgers tot de conclusie dat klimaat een zorgelijke zaak is?
‘Nee, maar dat was ook niet de vraag. Die luidde: hoe kunnen we in Nederland reizen, eten en spullen gebruiken op een manier die beter is voor het klimaat? Het burgerberaad kwam tot 23 aanbevelingen die door minimaal de helft van de deelnemers werden gesteund. Als we die allemaal zouden doorvoeren, zouden we ruim voor 2030 onze klimaatdoelen halen.’
Wie financiert zo’n burgerberaad?
‘De overheid.’
En wie bepalen de onderwerpen en vraagstelling?
‘In mijn ideale wereld doen inwoners dat zelf, zoals dat ook in Duitstalig België en in Parijs gebeurt. Maar in de meeste gevallen is het nu de politiek die kiest. Dat heeft wel als voordeel dat politici het onderwerp als probleem erkennen en dat er beleidsruimte is om er iets mee te doen.’
Ik denk zelf dat de democratie beter zou werken als die wat minder democratisch zou zijn.
‘Hoe bedoel je?’
Het verzuilde Nederland van de jaren vijftig was veel minder democratisch dan nu. Maar de elite van toen wist dat er geschikt en geplooid moest worden om de machine draaiende te houden.
‘Ik snap wat je zegt, maar we leven in andere tijden. Ik denk dat er juist veel meer democratie nodig is om onze problemen op te lossen. Dat vraagt om een democratische cultuur die we op dit moment niet hebben. We zijn als inwoners te lui als het om ons burgerschap gaat; het moeilijke democratische gesprek besteden we uit aan politici. Omdat we het gevoel hebben dat alle macht bij de politiek en het bedrijfsleven zit, blijven we liever netflixen op de bank.’
Maar mensen zijn mondiger en hoger opgeleid dan een halve eeuw geleden. De voorwaarden voor een democratie zijn toch beter geworden?
‘Ja, maar de economische crisis van 2008 was een knauw in het vertrouwen in de politiek. Burgers die hun baan verloren zagen hoe bankiers juist beschermd werden, dat heeft veel kwaad bloed gezet. De opkomst van sociale media heeft het probleem vergroot. Het internet was in beginsel een democratisch project, maar de algoritmes van nu zijn gericht op verdeeldheid en conflict, want dat levert aandacht en dus geld op.’
Ruzie is nu eenmaal interessant.
‘We doen vaak alsof er maar twee standpunten zijn: voor en tegen. Daardoor weten we niet meer hoe je een normaal gesprek voert. Het idee dat je het oneens kunt zijn zonder elkaar de tent uit te vechten, verdwijnt. Dat is de magie van het burgerberaad, dat brengt mensen weer bij elkaar. Het laat volkomen vreemden elkaar in de ogen kijken.’
Een beetje zoals de Oude Grieken, die elkaar nog ontmoetten op het dorpsplein.
‘Burgerberaden zijn letterlijk geïnspireerd op het Oude Athene. De Atheners selecteerden 90 procent van de politieke functies via loting. Aristoteles zei al dat verkiezingen tot oligarchie leidden, en loting tot democratie. Daarmee heeft iedereen evenveel kans om een tijd lang te regeren en een tijd geregeerd te worden, zei hij.’
Geregeerd worden bevalt niet altijd. De politiek heeft veel van onze problemen zelf veroorzaakt.
‘Uit onderzoek blijkt dat bijna 60 procent van de Nederlanders er geen vertrouwen in heeft dat de politiek de problemen van deze tijd aankan. En dat klopt ook. Problemen worden steeds vooruitgeschoven, tot ze vanzelf crises worden. In de jaren tachtig wisten we al dat we te veel stikstof uitstootten. Toen stonden er ook tractors op het Binnenhof en koos Den Haag voor de korte termijn door geen ingrijpende maatregelen te nemen. Daardoor zitten we nu met de stikstofcrisis. Voor woningbouw, klimaat en jeugdzorg geldt vrijwel hetzelfde.
‘Geef democratische vernieuwingen meer tijd, anders kom je nooit verder’
Daarnaast heeft de ideologie van marktwerking een cultuur van ieder voor zich gecreëerd. Mensen is aangepraat dat koopkracht het belangrijkste in het leven is en dat die constant in gevaar is. Je zou denken dat alleen de minst welvarende Nederlanders op extreme partijen stemmen, maar dat is niet zo. Ook mensen in Vinex-wijken met twee auto’s voor de deur stemmen erop, mensen die een economische stap hebben gemaakt en vrezen voor een terugval. Partijen wakkeren die angst aan door te doen alsof zij kiezers voor zo’n val zullen behoeden.’
Kan een burgerberaad het vertrouwen in de politiek herstellen?
‘Ik ben ervan overtuigd dat dat kan, maar dat kost wel tijd, Kijk maar naar Duitstalig België, dat een permanent burgerberaad heeft. Daar is de samenwerking tussen politiek en samenleving flink verbeterd. Onder deelnemers kweekt het burgerberaad begrip voor politici: ze snappen beter waarom het soms lang duurt voor er besluiten worden genomen en hoe moeilijk de afwegingen zijn die zij moeten maken. Andersom zie je ook dat politici veel meer vertrouwen krijgen in de capaciteiten en welwillendheid van inwoners.
In een burgerberaad kunnen mensen uit alle lagen van de bevolking van elkaar horen wat bepaalde keuzes voor hen zouden betekenen. Er is geen politicus die over een of ander gevaar begint, maar iemand die vertelt hoe het leven eruitziet als je van 800 euro per maand moet rondkomen, of het leven als boer, als student, als alleenstaande moeder. Die uitwisseling is heel anders dan op sociale media, in de politiek en aan de talkshowtafel. Daar hoor je alleen de uitersten.’
Onze media zijn onderdeel van het probleem.
‘Journalisten worden steeds meer afgerekend op kliks en kijkcijfers, ook bij de klassieke media. Daardoor gaat het vaak vooral over de waan van de dag. Te veel journalisten lijken zich nauwelijks bewust van hun fundamentele democratische rol: je bent niet slechts een doorgeefluik van informatie, maar hebt de taak om de macht te controleren en verschillende perspectieven te belichten – niet alleen voor of tegen.’
Wil jij met het burgerberaad verstandige kiezers creëren?
‘Dat is niet per se mijn doel. Inwoners alleen als kiezers beschouwen, is een beperkte opvatting van democratie. We moeten beseffen dat we meer zijn dan consument of kiezer. We zijn burgers. Dat betekent dat ons meer te doen staat dan eens in de paar jaar dat vakje rood kleuren.’
Betrokken burgers zijn zeldzaam.
‘Dat komt doordat we volledig zijn afgehaakt van onze democratische rol; die hebben we uitbesteed aan de politiek. We hebben democratische moed nodig. Doe niet alsof je hulpeloos of machteloos bent, maar spreek de burger in jezelf aan. Ja, het is spannend en ongemakkelijk om met totale onbekenden in gesprek te gaan of je met onderwerpen bezig te houden waar je niet in thuis bent. Maar je groeit door dat te doen.’
Een betrokken burger zijn kost ook tijd en energie. En je moet een beetje snappen hoe de samenleving werkt.
‘Burgerberaden laten zien dat mensen die tijd en energie er graag aan geven – overigens krijgen ze daar ook een vergoeding voor. En je hoeft geen expert te zijn. Deelnemers vormen een afspiegeling van de samenleving: 60 procent van de Nederlanders heeft maximaal een mbo-opleiding, dus in burgerberaden zie je dat terug. Er doen mensen mee die de middelbare school niet hebben afgemaakt, en toch een heel waardevolle bijdrage leveren.
‘Politiek is nu een competitie met partijbelang boven algemeen belang’
In Duitstalig België sprak ik bijvoorbeeld met een gepensioneerde vrachtwagenchauffeur die op zijn vijftiende van school was gegaan en niets met politiek had. Toen hij werd ingeloot voor een burgerberaad over de zorg, wilde hij de uitnodiging weggooien. En toen hij uiteindelijk toch ging, raakte hij ontmoedigd omdat andere deelnemers duidelijk naar de universiteit waren geweest. Maar het was juist deze chauffeur die op een gegeven moment zei: we spreken bij dit burgerberaad met artsen en ziekenhuisdirecteuren, maar ik wil van verpleegkundigen horen. Hij groeide in zijn rol en kwam erachter dat hij onderdeel was van de collectieve kennis van de groep. Samen met andere inwoners kwam hij tot zinnige maatregelen die de zorg in de regio hebben verbeterd. “De politici doen alsof zij deze maatregelen hebben bedacht, maar dat waren wij,” vertelde hij me grijnzend. Deze man kwam vol democratisch zelfvertrouwen uit het burgerberaad.’
Democratisch zelfvertrouwen is mooi, maar wat gebeurt er als de politiek niets met de adviezen van een burgerberaad doet?
‘Dan sla je het vertrouwen in die politiek aan diggelen.’
Moeten de adviezen van een burgerberaad dan bindend zijn?
‘Dat staat de grondwet niet toe. Daarom ben ik voor het Parijse model: het burgerberaad heeft het recht om een wetsvoorstel maken dat dezelfde behandeling krijgt als een wetsvoorstel van een politicus. Geen carte blanche of bindende adviezen, maar een democratisch tot stand gekomen besluit van de samenleving. Dat zou ik in Nederland graag zien.’
Jij wil dit institutionaliseren?
‘Absoluut. We doen het in Nederland best goed met lokale burgerberaden: de afgelopen drie jaar hebben er zo’n vijftig plaatsgevonden Maar met af en toe een burgerberaad versterk je de democratie niet: net zoals één keer gaan sporten ook geen zin heeft. We moeten burgerberaden een vanzelfsprekend onderdeel maken van onze besluitvorming – in gemeentes, maar ook landelijk, Waarom zouden wij niet het eerste land kunnen zijn dat op nationaal niveau een permanent burgerberaad heeft? Een Derde Kamer met gelote inwoners die ieder jaar één of twee onderwerpen oppakt en daar een wetsvoorstel van maakt.’
Een Derde Kamer? Kunnen we niet gewoon de Eerste Kamer vervangen?
‘Ook een optie. Je zou de Eerste Kamer kunnen loten, of deels uit gelote en deels uit gekozen inwoners kunnen laten bestaan. Maar zorg dan ook voor dat andere element van een burgerberaad: dialoog in plaats van debat.’
Je brengt daarmee wel een tussenlaag aan in ons toch al complexe systeem. Waarom kunnen we dingen niet regelen volgens het normale politieke bestel?
‘Als volksvertegenwoordigers echt volksvertegenwoordigers zouden zijn in plaats van partijvertegenwoordigers, zou dat misschien kunnen. Maar bij beroepspolitici en politieke partijen draait het om survival of the fittest. Politiek is een competitie geworden waarbinnen het heel lastig is om algemeen belang boven het partijbelang te stellen – hoe graag individuele politici dat ook zouden willen. Ik zeg niet dat we morgen de verkiezingen moeten afschaffen, maar de manier waarop we het nu georganiseerd hebben, leidt tot verdeeldheid en kortetermijndenken.’

Moet het hele parlementaire systeem op de schop?
‘Als we vandaag met een schone lei zouden beginnen en het landsbestuur opnieuw zouden inrichten, zou daar niet het systeem uitkomen dat we nu hebben. Een van onze problemen is dat we wel experimenteren met referenda en andere democratische vormen, maar ze vervolgens na twee keer weer afschaffen. Geef het even tijd. Neem een lerende houding aan, anders kom je nooit verder.’
In Frankrijk ging het in 2020 mis met het klimaatberaad.
‘Inwoners kwamen toen met 149 haalbare voorstellen, maar de Senaat nam er slechts veertien over – tot woede van de Franse bevolking. De cruciale fout in Frankrijk was dat president Emmanuel Macron het burgerberaad een mandaat gaf om klimaatmaatregelen te formuleren, zonder de Senaat of Assemblée erbij te betrekken. Toen ik in 2023 met toenmalig klimaatminister Rob Jetten sprak over een Nederlands klimaatberaad, heb ik hem daarvoor gewaarschuwd: zorg ervoor dat niet slechts één minister dit een leuk idee vindt, maar betrek de Tweede Kamer erbij. Dat is toen ook gebeurd.’
Jullie hebben geluk dat Jetten minister-president is. Zie je kansen?
‘Volgens mij zag Jetten oprecht het nut in van een burgerberaad, hij heeft ervoor gevochten. En Henri Bontenbal zat in de Kamercommissie die het beraad heeft voorbereid. Dus zij snappen het echt wel. En in de Kamer zijn er gelukkig nog meer politici die het nut en de noodzaak van burgerberaden inzien.’
Jij hoopt dat burgerberaden de democratie kunnen redden. Volgens mij werkt die democratie aan haar eigen ondergang. Figuren als Donald Trump en Geert Wilders zijn heel eerlijk over hun sloopplannen.
‘Er zit ook iets minder zichtbaars achter. Veel antidemocratische bewegingen worden gefinancierd door grote techbedrijven en rijke Amerikanen. Kijk naar Elon Musk en de AfD. Of naar de Brexit-campagne: die werd voor een groot deel gefinancierd door Amerikaanse miljardairs. Je kunt politiek en populisten de schuld geven van het afbrokkelen van de democratie, maar er is ook een enorme geldstroom richting antidemocratische krachten.
‘We moeten onszelf als burgers een schop onder de kont geven’
In Nederland zien we dat de invloed van lobby totaal ondoorzichtig is. Er wordt vaak gezegd dat democratie one person one vote is. Maar dat is helemaal niet zo. Als jij een goedbetaalde lobbyist kan inhuren, heb je veel betere toegang tot de politiek en hoef je niet vier jaar op volgende verkiezingen te wachten. Bij gebrek aan een lobbyregister is het bovendien volkomen onduidelijk welke bedrijven en organisaties met welke politici over welke onderwerpen hebben gesproken. Dat ondermijnt de democratie en dat wordt veel te weinig erkend.’
Kunnen burgerberaden dat lobbyprobleem aanpakken?
‘Met politici die jarenlang in Den Haag rondlopen kun je een relatie opbouwen, met gelote burgers niet. Die zijn na een jaar weer weg, dus dan is het moeilijk iets op te bouwen.’
Een burgerberaad lijkt me vooral nuttig vanwege de educatieve functie. Eigenlijk moet je dit live uitzenden op de Nederlandse televisie.
‘Zeker, maar media durven niet. Zo’n beraad gaat in tegen alle mediawetten: er is weinig conflict en er doen geen bekende mensen aan mee.’
Dat is wel een idee: een burgerberaad met bekende Nederlanders.
‘Maar de charme en kracht zitten er juist in dat het gewone burgers zijn. Dat zag je in Ierland rond abortuswetgeving en drugsbeleid – beide onderwerp van een nationaal burgerberaad – en in Frankrijk bij het burgerberaad over klimaat, maar ook bij veel andere burgerberaden. Uit opiniepeilingen blijkt dat mensen het burgerberaad vertrouwen “omdat dit mensen zoals wij zijn”. Ze vertrouwden hun medeburgers, omdat ze zich in hen herkenden en het geen politici waren die verkiezingen hoefden te winnen.’
Ik zie er het nut wel van in. Maar ik vraag me af of je de politiek zo ingrijpend kunt veranderen.
‘Politici zitten gegijzeld in een partijsysteem waar ze zichzelf niet uit kunnen trekken. Zelfs mensen die er met de beste intenties aan beginnen, en dat zijn er een hele hoop, komen erin vast te zitten. Dat systeem kunnen we niet snel veranderen, maar de samenleving wel. Door onszelf als burgers een schop onder de kont te geven en te zorgen dat we ons er constructief tegenaan bemoeien.’
Is er nog tijd om de democratie te redden?
‘Democratieën staan wereldwijd op een kantelpunt en bewegen steeds meer richting autocratieën. Richting een toekomst waarin techbedrijven en volksmenners het voor het zeggen hebben en wij niet meer zijn dan het voetvolk dat moet consumeren en betalen. Maar we kunnen ook nog de andere kant op kantelen. Ik vrees dat ook onze democratie kan crashen, maar wij als inwoners kunnen dat voorkomen.’

Eva Rovers (1978) studeerde cultuurgeschiedenis aan de Universiteit Utrecht en promoveerde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ze schreef biografieën van Boudewijn Büch en Helene Kröller-Müller, waarvoor ze in 2012 de biografieprijs ontving. In 2021 richtte ze de onafhankelijke kennishub Bureau Burgerberaad op. Daarnaast schreef ze voor De Correspondent de boeken Nu is het aan ons. Oproep tot echte democratie (2022) en Waarom we politiek niet alleen aan politici kunnen overlaten (2025).