Waarom de war on drugs mislukt is

Waarom de war on drugs mislukt is

DOOR BART DE KONING

zaterdag 22 juni 2019
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.

Precies een eeuw geleden begon de Drooglegging in de Verenigde Staten. Toen die hopeloos mislukte ging de overheid andere drugs verbieden, zoals opium, marihuana en cocaïne. Maar de war on drugs is totaal mislukt: drugs zijn overal en goedkoper dan ooit. En alles wat de overheid onderneemt tegen drugs ontploft in ons gezicht.

Op 7 maart van dit jaar, rond middernacht, komen een paar politieagenten de ziekenhuiskamer van Nolan Sously doorzoeken. Sously heeft terminale alvleesklierkanker en ligt op dat moment in het Citizens Memorial Hospital in Bolivar, Missouri. Een medewerker van het ziekenhuis heeft marihuana geroken en de politie gebeld.

Sously besluit de doorzoeking van zijn ziekenhuiskamer te filmen en op Facebook te zetten. Hij legt de agenten uit dat hij terminale kanker heeft en om medische redenen pillen met THC-olie slikt (een van de werkzame stoffen in cannabis). Zijn artsen weten ervan.

Hij wijst de agenten erop dat de bevolking afgelopen november vóór het legaliseren van medische marihuana in Missouri heeft gestemd en dat die vanaf januari 2020 legaal verkrijgbaar zal zijn. ‘Het is nog steeds illegaal,’ reageert een van de agenten. Ze doorzoeken alles, kunnen niets vinden en vertrekken onverrichter zake.

De ironie wil dat grote delen van de Verenigdse Staten nu een vooruitstrevender drugsbeleid voeren dan Nederland

De video haalt meer dan een half miljoen views. Er komen zoveel woedende reacties op dat het politiedistrict tijdelijk zijn eigen Facebook-pagina uit de lucht moet halen. Sously is na zijn ontslag uit het ziekenhuis nog steeds ontdaan, zo vertelt hij aan de lokale Bolivar Herald-Free Press: ‘Ik ben ziek van dit land zoals het nu is. Ik sta niet achter de regels. Ik gebruik cannabis om mijn leven te redden.’ De pillen helpen hem bij honger, pijn en ontstekingen: ‘Ik heb het recht om alles te proberen. Waar halen ze het vandaan dat ik dat niet mag?’

Het incident staat hier zo uitgebreid beschreven omdat alle waanzin van de war on drugs erin is samengebald. Waarom valt de politie de ziekenhuiskamer binnen van een stervende man?

Het beschermen van de volksgezondheid is het officiële argument voor het verbod op drugs. Maar waarom een verbod op cannabis, waaraan nog nooit iemand is overleden, en niet op tabak, dat al vele miljoenen slachtoffers heeft gemaakt?

Rammelende redenering

De talloze reacties op Facebook zien dat veel mensen het drugsbeleid zat zijn. Missouri is de 33ste Amerikaanse staat die cannabis legaliseert, voor medische gevallen. De ironie wil dat grote delen van de Verenigde Staten nu een vooruitstrevender drugsbeleid voeren dan Nederland.

Een paar jaar geleden werd MS-patiënt Jean-Paul ’t Gilde uit zijn huis in Middelburg gezet omdat hij in het bezit was van veertien gram wiet en drie ons bladeren, waar hij thee van zet. Het helpt hem tegen spastische neigingen en krampen. Hij gebruikt de softdrugs op aanraden van zijn huisarts en neuroloog, zo vertelde ’t Gilde aan RTL, maar daar hadden politie en gemeente niets mee te maken; zij vonden het een handelshoeveelheid en dus moest zijn huis dichtgespijkerd.
 
Hoe kan dit al meer dan een eeuw zo doorgaan? Niet alleen in Amerika, maar in de hele wereld? Wie het drugsbeleid wil begrijpen komt niet ver door de officiële argumenten te bestuderen.

De redenering dat crimefighters en politici hun burgers tegen gevaarlijke drugs willen beschermen rammelt aan alle kanten. De keuze die de overheid heeft gemaakt tussen legaal en illegaal is volstrekt arbitrair, zoals het cannabis-tabakvoorbeeld aantoont. En als bescherming van de gezondheid het doel is, waarom zijn er dan al honderdduizenden mensen gesneuveld in de war on drugs?

De strijd is begonnen als religieuze kruistocht, en dat fanatisme uit de begintijd bepaalt nog steeds het karakter ervan

Sinds president Felipe Calderon in 2006 op verzoek van de Verenigde Staten de aanval inzette, heeft de strijd tegen en tussen de kartels in Mexico al aan naar schatting 150.000 mensen het leven gekost. Daar komen de duizenden slachtoffers die de doodseskaders van de Filippijnse en Braziliaanse politie in de sloppenwijken maken nog bij. De strijd die sterke mannen als Rodrigo Duterte voeren heeft alle kenmerken van een kruistocht: de zieltjes moeten tegen elke prijs gered worden, ook al kost het hun hun leven.

Het gezonde verstand loopt hierop vast. Wie wil doorgronden waarom de war on drugs op deze manier gevoerd wordt en waarom deze ondanks de totale zinloosheid ervan toch maar doorgaat, moet drie dingen begrijpen: de geschiedenis, het racistische karakter, en de zichzelf versterkende mechanismen die de oorlog gaande houden.

Religieuze kruistocht

De strijd is begonnen als een religieuze kruistocht, en dat fanatisme uit de begintijd bepaalt nog steeds het karakter ervan. Daarnaast heeft de strijd tegen drugs unieke eigenschappen: elke nederlaag of blunder zorgt voor nieuwe ellende, die vervolgens óók bestreden dient te worden. De stupiditeit garandeert het voortbestaan.
 
Vroeger waren alle drugs legaal. Eind negentiende eeuw begon de Amerikaanse overheid met regulering: over morfine en opium werd voor het eerst belasting geheven. De Smoking Opium Exclusion Act was in 1909 de eerste echte maatregel tegen drugs: het bezitten, importeren en roken van opium werd verboden. Medisch gebruik was nog wel toegestaan.

In 1919 werd het 18th Amendment aangenomen, waarmee de Drooglegging begon. Die had een lange voorgeschiedenis. Al vroeg in de negentiende eeuw streden christelijke geheelonthouders voor een algeheel verbod op alcohol, omdat zij drank als zondig en schadelijk voor de samenleving zagen. Toen de Drooglegging begon, oreerde dominee Billy Sunday enthousiast: ‘De sloppen zullen straks een herinnering zijn. We zullen onze gevangenissen in fabrieken en opslagloodsen veranderen. Mannen zullen rechtop lopen, vrouwen zullen glimlachen, kinderen zullen lachen.’

Het was duidelijk dat de gehaaide Nixon een nieuw 'front' wilde openen om de aandacht van de dramatische oorlog in Vietnam af te leiden

De Drooglegging had niet het beoogde effect. De behoefte aan drank verdween niet per decreet en er ontstond een omvangrijke illegale markt. Het was de geboorte van de georganiseerde misdaad, met Al Capone als eerste in een lange reeks van roemruchte criminelen.

Zoals iedere filmliefhebber weet ging de opkomst van de maffia gepaard met grof geweld: het aantal moorden steeg van 5,6 naar 10 per 100.000 inwoners. De totale hoeveelheid misdaad in de dertig grootste steden groeide tussen 1920 en 1921 met 24 procent. De gevangenissen kwamen niet leeg te staan, zoals de dominees hoopten, maar zaten ramvol.
Dat was niet het enige boemerangeffect. Ook sociale problemen en drankmisbruik namen toe. Het gemiddelde alcoholpercentage steeg, omdat het voor criminelen veel lucratiever was om een vrachtwagen vol whisky te smokkelen dan eenzelfde hoeveelheid bier. Duizenden mensen overleden aan illegale, giftige drank.
 
In 1933 was het ‘noble experiment’ afgelopen en mochten de Amerikanen weer legaal drinken. Maar de conservatieve zendingsdrift was niet verdwenen. In 1937 nam het Congres de Marihuana Tax Act aan, die cannabis niet verbood, maar wel zwaar belastte.

Volksvijand nummer één

Drugs verdwenen een beetje naar de achtergrond in de Amerikaanse politiek, totdat Richard Nixon met strenge drugswetten kwam en in 1971 zijn war on drugs afkondigde. Drugs werden ineens ‘volksvijand nummer één’. Het was destijds al duidelijk dat de gehaaide Nixon een nieuw ‘front’ wilde openen om de aandacht van de dramatische oorlog in Vietnam af te leiden, maar zijn werkelijke motieven kwamen pas later naar buiten.

In 1994 gaf zijn politiek adviseur, John Erlichman, een geruchtmakend interview aan Harper Magazine, waarin hij uitlegde dat de strategie vooral gericht was tegen linkse antioorlogsactivisten en de zwarte bevolking: ‘We wisten dat we verzet tegen de oorlog of zwart zijn niet konden verbieden, maar door het publiek hippies met marihuana te laten associëren en zwarten met heroïne, en die dan zwaar te criminaliseren, wisten we dat we die gemeenschappen konden verstoren.

We konden hun leiders arresteren, hun huizen binnenvallen, hun vergaderingen opbreken en ze avond na avond demoniseren tijdens het avondnieuws. Wisten we dat we logen over drugs? Natuurlijk wisten we dat.’
 
Dit lijkt zo adembenemend cynisch dat het niet waar kan zijn, maar bedenk wel dat Nixon dit meesterplan bedacht nog vóór hij op het idee kwam om een inbraak te laten plegen in het Watergate-gebouw.

Zijn racisme werkt tot op de dag van vandaag door, ook in Nederland. Door een groot deel van alle aandacht van politie en justitie te richten op drugs die met etnische minderheden geassocieerd worden, zijn zij zwaar oververtegenwoordigd in de statistieken van politie en justitie.

Een bolletjesslikker pakken is makkelijk, een witwassende bankier achter de tralies krijgen vergt jaren procederen

Dat zijn grotendeels politieke keuzes. De Nederlandse gevangenissen zitten vol met Antillianen die gepakt zijn met een paar kilo cocaïne op Schiphol. Hollandse bankiers die hun verdiende geld witwassen krijgen een schikking. De Rabobank moest 298 miljoen euro betalen omdat een filiaal langs de Mexicaanse grens stelselmatig drugsgeld witwaste, de ING 775 miljoen omdat ze controles op fout geld bewust hadden geminimaliseerd. Niemand hoeft te zitten.

Een bolletjesslikker pakken is makkelijk, een witwassende bankier achter de tralies krijgen vergt jaren procederen van een overbelaste officier van justitie tegen een team van topadvocaten. Dus daar begint het OM maar niet aan.
 
Het wrange is dat de onzinnigheid van het beleid zichzelf in stand houdt. Juist omdat de overheid zich richt op kleine zichtbare ‘successen’, blijven de grote jongens buiten schot. De politie concentreert zich op het afpakken van dure auto’s en jassen van dealers op straat, omdat bankiers te moeilijk zijn.

Elke nieuwe recordvangst wordt gevierd als een overwinning, terwijl het alleen maar betekent dat de drugsmaffia nog groter, nog efficiënter en nog brutaler is geworden dan de vorige keer. En de volgende keer erin zal slagen om nóg meer tonnen coke in een schip te stoppen, terwijl honderden douaniers en marechaussees op Schiphol aan het jagen zijn op de kilootjes.

Veel Antillianen krijgen, nadat ze gepakt zijn op Schiphol, een reisverbod. Zo kunnen ze niet meer smokkelen, maar het leidt ook tot een sterke concentratie van misdaad op de Antillen. Op Curaçao vinden elk jaar tussen de 20 en 25 drugsmoorden plaats – een enorme slachting op een bevolking van slechts 170.000 mensen. Als Curaçao een zelfstandig land zou zijn, zou het in de top vijf van de meest moorddadige landen ter wereld staan.
 
Alles wat de overheid onderneemt tegen drugs ontploft in ons gezicht en veroorzaakt nieuwe en ernstiger problemen. Door drugs illegaal te maken zet de regering een premie op sterker spul. Het gehalte MDMA in XTC-pillen is gestegen, het THC-gehalte in cannabis is de afgelopen decennia sterk toegenomen. Dat leidt dan weer tot de roep om méér repressie.

Vicieuze cirkel

De eerste generatie cannabiskwekers bestond uit idealistische hippies. Door de keiharde repressie stopten zij, waarna hun plek werd overgenomen door geharde criminelen die niet bang waren voor de politie. Door kleine coffeeshops te sluiten creëerde de overheid veel minder, maar grotere coffeeshops. Die veroorzaken niet alleen meer overlast voor omwonenden, maar maken ook een handjevol zware jongens erg rijk. Door het invoeren van de wietpas verplaatste een deel van de handel zich weer naar de straat, met overlast tot gevolg. Dat leidt weer tot de roep om meer blauw op straat.

Het is als generaals in de Eerste Wereldoorlog: bloedige nederlagen leiden nooit tot bezinning, maar tot meer van hetzelfde

Omdat de overheid de grondstoffen voor het maken van XTC, de zogenoemde precursoren, heeft verboden mogen die niet meer uit China geïmporteerd worden. In plaats van braaf op te houden met pilletjes draaien, gingen de Brabantse XTC-producenten de grondstoffen zelf maken. Het afval dumpen ze in bossen en weilanden. De politie heeft de handen vol om het op te ruimen en burgemeesters roepen luidkeels om meer geld, meer agenten, meer bevoegdheden en meer taskforces.
 
Het is als generaals in de Eerste Wereldoorlog: bloedige nederlagen leiden nooit tot bezinning, maar tot meer van hetzelfde. En net als ten tijde van Nixon is het verkopen van bullshit over drugs om burgers bang te maken vaste tactiek. Zo roept de politie al jaren dat er alleen al in Tilburg 800 miljoen euro per jaar in wiet om zou gaan. Dat bedrag wordt voortdurend klakkeloos herhaald, ook door journalisten, terwijl het gebaseerd is op de schatting van zegge en schrijve één criminele informant.

Volgens sommige schattingen bij justitie zou de bevolking van Curaçao 200.000 kilo cocaïne per jaar gebruiken. ‘Dat zou per hoofd van de bevolking neerkomen op een gebruik van 1,5 kilo, wat vervolgens weer betekent dat er ruim 4 gram per dag door gemiddeld ieder kind en iedere volwassene zou moeten worden gesnoven,’ zo becijferen de auteurs van de Baselinestudy Criminaliteit en Rechtshandhaving Curaçao en Bonaire nuchter.

‘Het grote risico van verhalen is dat ze een eigen leven gaan leiden en schadelijk zijn voor de beeldvorming van de Nederlandse Antillen, maar ook voor de beleidsvorming wanneer de verhalen daarvan onderdeel gaan uitmaken.’ Een nette manier om te zeggen: de drugsbestrijders gaan in hun eigen bullshit geloven.
 
Politie en justitie kunnen de war on drugs nooit winnen om dezelfde reden dat de Drooglegging mislukt is: de onderliggende vraag, de behoefte aan drugs, blijft altijd in stand. Daarin is de strijd tegen drugs fundamenteel anders dan alle andere vormen van misdaad.

Drugs zijn goedkoper dan ooit en overal verkrijgbaar

Als de politie een verkrachter, roofovervaller, hacker of andere crimineel arresteert, is die een tijd uitgeschakeld. Voor drugs heeft dat geen enkele zin: voor iedere dealer die de politie oppakt, komt een andere terug. Dit is de tragiek van de politie: zelfs als ze drugs effectief zouden bestrijden – wat ze niet kunnen –  zou dat bij een gelijkblijvende vraag alleen maar de prijs opdrijven en daarmee nieuwe spelers de markt op lokken.

In werkelijkheid faalt de bestrijding natuurlijk en zijn drugs goedkoper dan ooit en overal verkrijgbaar. De politie weet dat. Het is niet voor niets dat korpschef Erik Akerboom en minister Ferdinand Grapperhaus tegenwoordig een moreel beroep doen op drugsgebruikers om te stoppen. Dat is niet alleen kansloos, maar daarmee is de bestrijding ook honderd jaar terug in de tijd: de overheid begint weer te preken tegen de gebruiker.

Dé oplossing bestaat niet

Het wordt, kortom, tijd voor een rationeler en humaner drugsbeleid. Dat begint ermee dat we erkennen dat de oplossing niet bestaat. Mensen hebben nu eenmaal de behoefte om zich te bedwelmen. Je kunt wel proberen om het in goede banen te leiden, te reguleren en waar nodig te ontmoedigen.

Legalisering betekent niet hetzelfde als vrijgeven: het is goed dat alcohol en tabak verboden zijn voor minderjarigen, en dat moet voor de nu nog illegale drugs ook gaan gelden. De legalisering van cannabis is een goed begin. Daarmee wordt het THC-gehalte controleerbaar, zoals bij alcohol. XTC, mits zuiver en met een controleerbare dosering, is niet erg riskant en kan dus ook gelegaliseerd worden.

Tegenstanders zeggen dat we dan ruzie krijgen met het buitenland. Wellicht, maar het is goed te bedenken dat we jarenlang zijn voorgelogen dat cannabis niet gelegaliseerd kon worden vanwege internationale verdragen. Nu de Verenigde Staten cannabis gewoon legaliseren blijkt dat dus wel te kunnen.

Natuurlijk zal het kleine Nederland diplomatiek en omzichtig moeten opereren, maar angst voor de reactie van onze buurlanden mag geen excuus zijn door te blijven gaan met slecht beleid. Ook een klein land als Uruguay heeft cannabis gelegaliseerd, terwijl de war on drugs in Latijns-Amerika heel wat heftiger is dan bij ons.

Een ander veelgehoord argument tegen legalisering is dat criminaliteit niet zal verdwijnen, omdat drugscriminelen iets anders gaan doen. Dit is een klassieke denkfout: deze oplossing neemt niet alle problemen weg, dus is het geen oplossing. Natuurlijk zullen sommige drugscriminelen andere misdaden gaan plegen, maar een groot deel niet. Na het einde van de Drooglegging nam de misdaad zichtbaar af. En zelfs al zou de criminaliteit rond wiet en pillen slechts halveren, dan is dat al enorme winst.
 
Voor harddrugs als heroïne en cocaïne is een legaal scenario vooralsnog niet erg realistisch. Het heeft ook niet de hoogste prioriteit. In een intelligent drugsbeleid is schadelijkheid het belangrijkste criterium.

Alcohol is maatschappelijk de meest ontwrichtende drug, met honderdduizenden probleemdrinkers, honderden verkeersdoden en talloze vechtpartijen per jaar. De meest schadelijke drug is in Nederland tabak, met 20.000 doden per jaar. Het is dus logisch om alle prioriteit van de overheid daar te leggen. Niet door verboden, wel door roken en drinken te ontmoedigen en de verslaafden te helpen.

Uit Maarten! 2019-2. 

zaterdag 22 juni 2019

Gerelateerde artikelen

De misdaad heeft het moeilijk

donderdag 13 december 2018

De bloei van de Sixties

woensdag 19 september 2018

'Televisiekijkers denken dat het met de misdaad nog nooit zo erg was gesteld'

maandag 14 mei 2018

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.