Coen Brummer: ‘De liberalen waren ambitieuze hemelbestormers’

Coen Brummer: ‘De liberalen waren ambitieuze hemelbestormers’

Door Sophie Zwaal

woensdag 5 februari 2020
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.

De luide stem van rechtspopulisten vereist een duidelijk geluid van liberalen. Coen Brummer en Daniël Boomsma zijn beiden verbonden aan de Mr. Hans van Mierlo Stichting, het wetenschappelijk bureau van D66, en stellen dat de geschiedenis van het liberalisme, die zich voorheen vooral richtte op de conservatieve tak van de stroming, aan vernieuwing toe is. Aan de hand van 41 vensters vertelt de Canon van het sociaal-liberalisme de ontwikkeling van de politieke stroming die in de afgelopen honderdvijftig jaar aan de wieg stond van veel sociale vooruitgang.


Waarom is er behoefte aan een canon van het sociaal-liberalisme?
‘Als het in Nederland over liberalisme gaat, denken veel mensen aan de VVD, een kleine overheid, veel asfalt en lage belastingen. Maar er is ook een ander verhaal te vertellen over het liberalisme.

In dit boek behandelen wij een vorm van liberalisme met veel meer ambitie. We leggen de nadruk op sociale rechtvaardigheid, hervormingsgezindheid en vooruitstrevendheid. De liberalen waren hele ambitieuze hemelbestormers, maar na de Tweede Wereldoorlog kwam het liberale etiketje bij de conservatieve liberalen van de VVD te liggen. Daarom moeten wij de geschiedenis van het liberalisme opnieuw neerzetten.’
 
Het boek bestaat uit 41 vensters met elk een concrete historische gebeurtenis, zoals een Kamerdebat of een nieuwe wet. Hoe hebben jullie de vensters gekozen?
‘Het lastige aan een canon is het kiezen van gebeurtenissen die cruciaal zijn voor de geschiedenis die je bespreekt. Waar stop je, wat hoort er in en wat niet? We hebben daarom een academische studiemiddag georganiseerd met een aantal politicologen en historici die zich bezighouden met de ontwikkeling van de Nederlandse politiek in de afgelopen twee eeuwen. Redactioneel hebben we de vraag gesteld welke concrete gebeurtenissen veelzeggend zijn voor het liberalisme. Het kinderwetje van Van Houten zegt bijvoorbeeld veel over hoe het liberalisme veranderde in de jaren 1870. Het venster over Michel Joëls die in 1929 de Vrijheidsbond verlaat hadden we in eerste instantie niet op ons netvlies, maar bleek een mooie parallel met latere politici die uit de VVD stapten.'
 
Hoe hebben sociaal-liberalen zich onderscheiden van conservatieve liberalen?
‘Een belangrijk verschil is hun interpretatie van vrijheid. In de selectie van de canonvensters was het criterium of een gebeurtenis veel zegt over de manier waarop liberalen vrijheid interpreten. Sociaal-liberalen hebben een positief vrijheidsbegrip, dat is een politiek ankerpunt waaraan je sociaal-liberalen kunt herkennen in de afgelopen honderdvijftig jaar. Ze geloven dat vrijheid niet zomaar uit de lucht komt vallen, en vrijheid is voor hen niet alleen de afwezigheid van regeltjes, maar ook de mogelijkheid om je te ontwikkelen en ontplooien als individu. Simpel gezegd: Als iemand nooit heeft leren lezen, ben je volgens sociaal-liberalen niet daadwerkelijk vrij om een boek te lezen. Hiermee onderscheiden ze zich van conservatieve liberalen.

Voor sociaal-liberalen is vrijheid niet alleen de afwezigheid van regeltjes

Onze canon begint met de rede van Thorbecke uit 1844. Thorbecke was geen sociaal-liberaal, maar uit zijn rede komt wel een sociaal-liberaal concept voort, namelijk dat je sociale vooruitgang nodig hebt om mensen van hun formele rechten gebruik te laten maken. Dit argument zie je vervolgens door de geschiedenis heenlopen. Je ziet het aan het kinderwetje van Van Houten, maar ook aan een hele serie sociale wetten die het Kabinet der Sociale Rechtvaardigheid van Nicolaas Pierson doorvoerde. Die wetten ontstonden uit de gedachte dat mensen in staat moesten worden gesteld om in vrijheid te leven.’
 
Hoe verschilt het sociaal-liberalisme uit de negentiende eeuw van de hedendaagse variant in de politiek?
‘Sociaal-liberalen hebben zich de afgelopen 15 jaar steeds opnieuw uitgevonden. De vragen waar we vandaag voor staan zijn heel anders dan de vragen van de negentiende eeuw. Zo hebben we nu kiesrecht voor iedereen, dus dat hoeven we niet meer te bevechten. Maar het streven naar democratisering is nog steeds relevant. Je zou kunnen zeggen dat de Nederlandse democratie een soort permanent overleg achter gesloten deuren is, dus er is vandaag de dag nog genoeg te doen om democratisering na te streven.

Ook in een digitaliserende en internationaliserende economie met veel flexwerken en algoritmes hebben sociaal-liberalen een belangrijke opdracht, net zoals sociaal-liberalen dat aan het eind van de negentiende eeuw hadden toen Nederland industrialiseerde. Naar welke periode je ook kijkt, sociaal-liberalen proberen voortdurend onstuimige veranderingen een plek te geven door ze in te bedden met wetten, en door mensen erop voor te bereiden.

Sociaal-liberalen zijn onderdeel geworden van de status quo en in de politiek zijn ze niet langer de grootste hemelbestormers. Dat vind ik persoonlijk jammer, omdat ik juist geloof dat sociaal-liberalen voorop horen te lopen.’
 
In de canon stelt u dat het sociaal-liberalisme nu een veel bredere stroming is geworden.
‘Honderdvijftig jaar geleden zeiden de sociaal-liberalen dat de overheid meer moest zijn dan alleen een nachtwakersstaat. Tegenwoordig zijn veel partijen het daar mee eens. Veel vroege idealen van de sociaal-liberalen zijn gelukkig gemeengoed geworden: de VVD zal bijvoorbeeld niet opeens stoppen met investeren in het onderwijs. Voor sociaal-liberalen blijft het belangrijk een nieuwe agenda te ontwikkelen.

Dit geldt voor ook voor de rest van Europa. Anderhalf jaar geleden bestond The Economist 175 jaar. Het tijdschrift publiceerde een essay over de staat van het liberalisme met de conclusie dat vooruitstrevende liberalen, de zogenaamde engines of changes, tegenwoordig te vaak de neiging hebben de status quo te verdedigen, terwijl er veel uitdagingen liggen.'
 

Welke invloed heeft het populisme op het sociaal-liberalisme in de politiek?
‘In het debat over democratie in Nederland zie je dat partijen als de PVV en Forum voor Democratie, en aan de linkerkant ook de SP, opeens grote pleitbezorgers van directe democratie worden. Het doel van meer democratie moeten we met hen delen. Dit voelt ongemakkelijk, omdat met name rechtspopulisten tegelijkertijd elementaire onderdelen van de democratie met hun voeten treden, door bijvoorbeeld kritiek te uiten op rechters.

Dit versterkt de noodzaak voor andere partijen om hen van sterke repliek te dienen. Stemmers moeten niet denken dat het enige antwoord op hun problemen de oplossingen van de PVV en Forum voor Democratie zijn.’
 
Wat is voor u het meest sprekende venster in de geschiedenis van het sociaal-liberalisme?
‘Het Kabinet der Sociale Rechtvaardigheid (1897-1901) vind ik een veelzeggend venster. Het laat zien hoe een kabinet een enorme agenda opstelde om Nederland klaar te maken de komende eeuw. Er kwam een ongevallenverzekering, een ziektewet, een woningwet, een begin van de jeugdzorg en een leerplicht. Het kabinet heeft een hele hoop wetten doorgevoerd die allemaal nodig waren om de twintigste eeuw aan te kunnen. Daarin zie je een parallel met vandaag: er zijn nu nieuwe, grote vragen die opnieuw een Kabinet der Sociale Rechtvaardigheid vereisen.’

Coen Brummer is directeur bij de Mr. Hans van Mierlo Stichting, het wetenschappelijke bureau van D66.
woensdag 5 februari 2020

Gerelateerde artikelen

De puinhopen van het neoliberalisme

dinsdag 1 oktober 2019

Het falen van D66

maandag 26 maart 2018

Waarom het marktdenken failliet is

woensdag 10 januari 2018

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.