De Deense misrekening

De Deense politie heeft een Syrisch gezin opgepakt tijdens een identiteitscontrole in een trein, die op 6 januari 2016 in Padborg aankwam.

Gepubliceerd op:

Door Marijn Kruk 

Kun je radicaal-rechtse partijen verslaan door hun agenda deels over te nemen? In Denemarken leek het erop toen de sociaal-democraten succes boekten met een harde anti-immigratiepolitiek. Maar dat beeld is onjuist.

Uit Maarten! 2026-2. Bestel losse nummers hier of word abonnee

Een tijdlang leek het alsof de Deense sociaal-democraten de sleutel hadden tot het probleem waarmee sociaal-democratische partijen in Europa al decennia worstelen. Hoe houd je je staande in een veld waarin het gesprek over migratie wordt beheerst door radicaal-rechts? Terwijl sociaal-democraten elders bij deze kwestie liever duiken, ging de partij Socialdemokratiet van Mette Frederiksen er juist vol in. Een afschrikbeleid moest asielzoekers ontmoedigen zich in de buurt van de Deense grens te wagen en migranten die er al waren kregen te maken met een integratiebeleid met autoritaristische trekken. Met ogenschijnlijk succes: het aantal asielzoekers daalde, de sociaal-democraten kwamen terug aan de macht en consolideerden die. Rechtse en radicaal-rechtse politici elders in Europa stelden Denemarken tot voorbeeld. Vertwijfelde sociaal-democratische leiders, onder wie Nederlandse, kwamen een kijkje nemen.

Maar de verkiezingen van dit voorjaar geven een gemengd beeld. Socialdemokratiet is met 21,9 procent van de stemmen weliswaar de grootste in een versplinterd landschap. Maar het was tegelijk de laagste score in honderd jaar. Radicaal-rechts maakte een comeback, en partijen links van het midden wonnen ook. Ondertussen blijkt uit politicologisch onderzoek dat het hardvochtige immigratiebeleid van Frederiksen voor de sociaal-democratische kiezer nooit leidend was. Mensenrechtenorganisaties blijven zeer kritisch en waarschuwen voor de negatieve gevolgen van het beleid voor de langere termijn. Een herbezinning lijkt niet in zicht.

Waardevolle spullen van asielzoekers worden in beslag genomen

Hoe zat het ook alweer? In 2018, drie jaar nadat de nationalistische Dansk Folkeparti als tweede eindigt bij door het Deense politieke establishment als traumatisch ervaren parlementsverkiezingen, besluiten de sociaal-democraten tot wat ze een paradigmeskift noemen, een fundamentele koerswijziging op het gebied van asiel en immigratie. Terwijl sociaal-democraten in Denemarken lange tijd juist een open model voorstonden, waarbij asielzoekers een pad naar staatsburgerschap in het vooruitzicht werd gesteld, werd asiel nu nadrukkelijk als iets tijdelijks voorgesteld. Zodra de toestand in hun land verbeterde moesten ze terug. Het doel, zo stellen partijfunctionarissen tegen wie het maar wil horen, is de traditionele sociaal-democratische kiezers, de arbeiders in en rond de grote steden, terug te lokken en zo de opkomst van radicaal-rechtse partijen te stuiten.

De zorgen over de opkomst van radicaal-rechts zijn niet onterecht. Net als elders in Europa wint dit sinds de jaren negentig gestaag aan invloed. In Denemarken zelfs heel concreet: tussen 2001 en 2011 weet de Dansk Folkeparti via gedoogsteun aan een rechts minderheidskabinet een nadrukkelijk stempel op het beleid te drukken. Een anti-immigranten- en anti-islamsentiment met xenofobe retoriek kwam op die manier de Deense mainstream binnen. Tegelijk verliezen de sociaal-democraten gestaag kiezers. In 2015, het jaar van de vluchtelingencrisis en de islamitisch geïnspireerde aanslagen in Parijs (op Charlie Hebdo en in concertzaal Bataclan), komt alles samen: de Deense nationalisten breken electoraal door.

Wanneer de sociaal-democraten in 2019 fors winnen, terwijl de steun voor radicaal-rechts juist lijkt af te brokkelen, sterkt dat hen in de overtuiging dat hun keuze voor een harde lijn op immigratie en asiel juist is. En bepaald soft was het Deense beleid toch al niet. Zo was er destijds internationaal veel ophef rond de zogeheten ‘Juwelenwet’, die bepaalt dat waardevolle spullen van asielzoekers boven de 1340 euro in beslag worden genomen om daarmee hun eigen opvang te betalen. De wet, begin 2016 in stemming gebracht door centrum-rechts en gesteund door de sociaal-democraten, was vooral symbolisch bedoeld om mensen af te schrikken.

Frederiksen (beige jas) bezoekt een school waar Deense kinderen en Oekraïense vluchtelingen kinderen samen les krijgen, 7 april 2022

Frederiksen (beige jas) bezoekt een school waar Deense kinderen en Oekraïense vluchtelingen kinderen samen les krijgen, 7 april 2022

Uit huis gezet

Twee jaar later was er de zogeheten ‘Anti-gettowet’, eveneens vanuit de oppositie gesteund door de sociaal-democraten. Achterstandswijken waar de bewoners geen of te weinig Deens zouden spreken, waar het percentage inwoners met een niet-westerse achtergrond boven de 40 procent uitkwam, waar het opleidingsniveau laag was en de werkloosheid en de criminaliteit hoog, belanden op een zogeheten ‘gettolijst’. Voor 2030 moeten deze wijken zijn verdwenen, hetzij door sloop van sociale huurwoningen, hetzij door de bouw van koopappartementen. Ten gevolge van deze wet zijn inmiddels duizenden mensen gedwongen uit hun huizen gezet.

Ook gelden in de ‘gettowijken’ andere regels voor bewoners: straffen kunnen worden verdubbeld, hele gezinnen kunnen uit hun huis worden gezet als een van de kinderen een misdaad begaat en ouders zijn verplicht hun kind vanaf het eerste jaar 25 uur per week naar de crèche te sturen. Het is integratie met de harde hand die in de verte doet denken aan de Franse Derde Republiek (1871-1940), toen lokale gebruiken en dialecten er met de harde hand uit werden geslagen en zo de moderne Franse eenheidsstaat werd geschapen.

Konden asielzoekers naar niet Rwanda worden gestuurd?

De harde aanpak wordt door de Deense sociaal-democraten verdedigd met een beroep op de sociale cohesie. Binnen de Scandinavische sociaal-democratische traditie vormt die de basis voor de genereuze welvaartsstaat met gratis zorg, onderwijs en kinderopvang. Ook de reeks asiel- en immigratiebeperkingen die na de sociaal-democratische paradigmeskift nog zouden volgen, wordt vanuit de partij consequente verdedigd met een beroep op de Deense welvaartsstaat. ‘Helaas zijn er te veel [vluchtelingen, red.] die hiernaartoe komen en die niet integreren in onze samenleving,’ zei Mette Frederiksen in de video op Facebook waarin ze destijds de koerswijziging van haar partij aankondigde. ‘Dat zet druk op onze welvaartsstaat, onze beperkte ongelijkheid in de samenleving en onze manier van leven.’

Opmerkelijk daarbij is dat het aantal asielzoekers in Denemarken door de bank genomen erg laag is – historisch gezien en al helemaal de afgelopen jaren. Terwijl een land als Duitsland tijdens de vluchtelingencrisis van 2015 zo’n anderhalf miljoen vluchtelingen en migranten opnam, nam Denemarken er 20.000 op. Vanaf dat jaar meldden zich gemiddeld zo’n 3200 asielzoekers per jaar. Onduidelijk is hoe die de sociale cohesie zozeer kunnen bedreigen, of hoe die zó enorm zwaar zouden drukken op het budget van een van de rijkste landen ter wereld.

Frederiksen aarzelde in elk geval niet om nog meer maatregelen te nemen. Zo werd onderzocht of asielzoekers niet naar Rwanda konden worden gestuurd, gezinshereniging werd nog moeilijker gemaakt dan het al was en uitkeringen werden verlaagd. Het Rwanda-plan ging uiteindelijk niet door, maar werkte volgens analisten wel degelijk als afschrikmiddel.

Bewoners protesteren tegen de ‘Anti-gettowet’: ze willen niet gedwongen vertrekken. Kopenhagen, 28 augustus 2023.

Bewoners protesteren tegen de ‘Anti-gettowet’: ze willen niet gedwongen vertrekken. Kopenhagen, 28 augustus 2023.

Bangmakerij

Toen Frederiksen aantrad, stelde ze nul asielzoekers als doel. Dat is niet gehaald, maar veel zijn het er nog steeds niet. In elk geval zijn het er zo weinig dat allerlei Europese politici de Deense aanpak roemden, radicaal-rechts met name. Van Viktor Orbán tot Giorgia Meloni, van Geert Wilders tot Marine le Pen, allemaal staken ze de loftrompet over de sociaal-democratische migratieaanpak in Denemarken.

Omdat het electoraal ook goed bleef gaan, toonden ook andere sociaal-democratische leiders belangstelling. Toenmalig fractieleider van de PvdA Lodewijk Asscher ging er in 2018 en 2019 een kijkje nemen. En meer recent toonde Keir Starmer van het Britse Labour zich geïnteresseerd. Vorig jaar publiceerde Starmer zelfs samen met Frederiksen een opiniestuk in The Guardian, waarin ze progressieve leiders elders in Europa opriepen de ‘legitieme zorgen’ van kiezers wat betreft immigratie te adresseren en te zorgen voor de veranderingen ‘that the people are crying out for’, onder meer via inperking van het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens. Mensenrechtenadvocaten doen daar namelijk met succes een beroep op om gedwongen deportaties te voorkomen.

De Deense minister-president Mette Frederiksen op bezoek bij haar Britse ambtsgenoot Keir Starmer, 22 januari 2026.

De Deense minister-president Mette Frederiksen op bezoek bij haar Britse ambtsgenoot Keir Starmer, 22 januari 2026.

Starmer en Frederiksen stelden dat ze met de door hun voorgestelde verscherpingen van het beleid radicaal-rechts de pas af wilden snijden. Maar critici zagen er juist een knieval in voor radicaal-rechts, dat met stigmatiserende retoriek en bangmakerij al jaren de toon zet in het debat over asiel en immigratie.

Migranten in Denemarken wijzen er in reportage na reportage op hoe ze gestigmatiseerd worden en statushouders klagen over de permanente onzekerheid waarin ze leven. Deense mensenrechtenorganisaties uiten consequent kritiek op Frederiks immigratiebeleid en wijzen op de negatieve gevolgen op de langere termijn. ‘Je kunt niet tegelijkertijd een afschrikkingsbeleid en een succesvol integratiebeleid hebben,’ stelde Michala Bendixen, oprichter en directeur van Refugees Welcome. ‘Je kunt je leven niet opbouwen met de angst om er elke dag uitgeschopt te worden. Het geeft stress, mensen worden ziek of depressief. Het is een groot onderwerp binnen iedere vluchtelingenfamilie.’

Ondertussen stellen Deense werkgeversorganisaties dat vacatures onvervuld blijven. Bedrijven zouden graag hoogopgeleide mensen van buiten Europa naar Denemarken halen, maar als die al zouden willen komen, krijgen ze te maken met lange en ingewikkelde procedures.

‘Uiteindelijk zal dit beleid zich tegen Denemarken keren,’ zei Charlotte Slente, voorzitter van de Deense Vluchtelingenraad. ‘Het schaadt onze internationale reputatie. De Deense economie draait goed, maar door het afschrikkingsbeleid verliezen we de strijd om de geschoolde arbeidsmigrant.’

In 2024 stuurde Slente een stuk naar de Volkskrant, waarin ze zich in scherpe bewoordingen keerde tegen de neiging om Denemarken als ‘model’ te zien. De regering-Frederiksen had niet zozeer het asielvraagstuk ‘opgelost’ als wel ‘asielzoekers omgeleid naar andere EU-landen door een ellendig beeld te schetsen van een verblijf in Denemarken’. Voor zover er sprake was van een ‘model’, noemde ze dat vooral ‘onsolidair’. Tegelijk rijst de vraag wat de sociaal-democraten nu werkelijk hopen te bereiken.

Demonstranten dragen een spandoek met de tekst ‘Syrië is niet veilig’ tijdens een protest tegen de uitzetting van Syrische families naar hun thuisland. Kopenhagen, 13 november 2021.

Demonstranten dragen een spandoek met de tekst ‘Syrië is niet veilig’ tijdens een protest tegen de uitzetting van Syrische families naar hun thuisland. Kopenhagen, 13 november 2021.

‘Lege overwinning’

In weerwil van wat sociaal-democratische bestuurders blijven zeggen over hoe ze de ‘traditionele arbeider willen terugveroveren op radicaal-rechts’, blijkt uit politicologisch onderzoek keer op keer dat er in werkelijkheid nauwelijks sprake is van kiezers die ‘overlopen’ van de sociaal-democraten naar radicaal-rechts. Nadere studie van de verkiezingsoverwinning van 2019 wees bovendien uit dat de kiezers vooral terugkwamen naar de Deense sociaal-democraten vanwege hun uitgesproken links-economische koers en hun klimaatvoorstellen. En radicaal-rechts zakte dat jaar in omdat het thema asiel en immigratie vier jaar na de vluchtelingencrisis van 2015 simpelweg als minder urgent werd ervaren.

Frederiksen heeft het land in een race to the bottom gestort

De onderzoekers, Ian McManus en Michelle Falkenbach, spreken in hun artikel van een ‘lege overwinning’. Vrijwel alle kranten, ook de kwaliteitskranten, en ook in Nederland, schreven destijds dat de ruk naar rechts ‘de Deense PvdA doet floreren’, maar dat was simpelweg onwaar. Als de Deense sociaal-democraten floreerden was dat vanwege hun uitgesproken linkse koers op het gebied van economie en klimaat; niet vanwege hun harde immigratiebeleid.

Frederiksen en haar partij lijken het land in een race to the bottom te hebben gestort: wie kan het hardvochtigst tegen kwetsbare mensen optreden. Dat maakt de meest recente verkiezingsuitslag wrang. De kiezer heeft gekregen waar hij zogenaamd ‘om schreeuwt’, maar de partij die daarvoor gezorgd heeft is er electoraal niet voor beloond. Terwijl radicaal-rechts in de lift zit en om het hardst om nog scherpere maatregelen roept, dit keer om ‘remigratie’.

Reacties

Gerelateerde artikelen

De Australische oplossing? Niet voor Europa

Asielwet maakt integreren onmogelijk

Migratieland tegen wil en dank

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.
 
Consent choices