2017-06-08 18:00:00
Maarten! 10 Jaar

Hoe Amerika het IS-monster baarde

Hoe Amerika het IS-monster baarde

DOOR MAARTEN VAN ROSSEM

maandag 13 november 2017

Niemand heeft het terrorisme de afgelopen jaren zo gestimuleerd als de Verenigde Staten. IS bloeit door de gewelddadige stompzinnigheid van de Amerikanen.

Uit Maarten! 2014-6

​1 Oorlogsverklaring

Sinds enige tijd is de wereld in de ban van IS(IS), ofwel de Islamitische Staat (in Irak en Syrië), een religieus bewogen terroristische organisatie. IS heeft in de afgelopen maanden in hoog tempo een groot deel van Noordoost-Syrië en Noordwest-Irak veroverd, en de aanhangers beschouwen deze gebieden nu als het Nieuwe Kalifaat.

Nu wordt IS gebombardeerd, onder leiding van de Verenigde Staten. Daar schuilt een aanzienlijke historische ironie in, want IS is het directe resultaat van de volkomen mislukte Amerikaanse interventie in Irak. Geen enkele instantie heeft de afgelopen decennia zo’n belangrijke rol gespeeld in de stimulering van het terrorisme als juist de VS. Die ongelukkige ontwikkeling is begonnen op 11 september 2001. President Bush en zijn medewerkers trokken onmiddellijk een verkeerde conclusie uit de dramatische gebeurtenissen van die dag. De terroristische aanslag werd gezien als een act of war. De VS zeiden te beginnen aan een oorlog tegen het terrorisme.

Van reguliere oorlogvoering was echter geen sprake, aangezien Al Qaida geen reguliere tegenstander was. In plaats van zich te concentreren op de opsporing en bestraffing van Osama bin Laden, gingen de Amerikanen op zoek naar een echte oorlog, die zij spectaculair zouden kunnen winnen. Dat zou iedereen in de wereld duidelijk maken dat de VS niet met zich lieten spotten. Als middel tegen terrorisme zou die oorlog echter contraproductief blijken.

2 Hoessein

Nog op 11 september 2001 lieten Donald Rumsfeld, de Amerikaanse minister van Defensie, en zijn onderminister Paul Wolfowitz doorschemeren dat zij dachten dat de Irakese dictator Saddam Hoessein iets met de aanslag te maken had. Of ze dat zelf ook geloofden weten we niet. Hoe dan ook zagen ze 9/11 als een unieke kans om een van hun lievelingsprojecten, namelijk regime change in Irak, uit te voeren.

Op de avond van diezelfde onheilszwangere dag, vroeg president Bush aan Richard P. Clark, de nationale coördinator van de strijd tegen het terrorisme, eens uit te zoeken wat Saddam Hoessein met de zaak te maken had. Clark c.s. Sputterden tegen en probeerden duidelijk te maken dat Al Qaida erachter zat. Daarop reageerde de president geïrriteerd dat ze zich op Hoessein moesten richten.

De Axis of Evil bestond helemaal niet

Op de korte termijn moesten wel Osama bin Laden en zijn organisatie in Afghanistan worden aangepakt. De Amerikaanse acties daar waren zo incompetent en traag dat Osama de kans kreeg met een groot deel van zijn getrouwen te ontsnappen. Vervolgens vierden de Amerikanen de overwinning op de taliban alsof er een wereldoorlog was gewonnen. Bush was ondertussen een held geworden: hij was een war president, zoals hij zelf zei. 

3 As van het kwaad 

Washington raakte in de greep van oorlogszucht. De Amerikanen gingen doen waar ze goed in zijn: een grootschalige, moderne oorlog voeren met flinke bombardementen. In januari 2002 lanceerde de president in zijn State of the Union de notie van de Axis of Evil, een combinatie van de satanische activiteiten van Irak, Iran en Noord-Korea.

Irak, zo zei de president, steunde het terrorisme en werkte aan massavernietigingswapens. Dat was de kern van de omvangrijke propagandacampagne: Irak beschikte over biochemische wapens en stond op het punt nucleaire wapens te vervaardigen. Het idee van de As van het kwaad maakte indruk, maar was flauwekul. Er was helemaal geen As.

4 Haast

Vicepresident Dick Cheney wilde de oorlog tegen Irak geheel unilateraal voeren, maar Tony Blair adviseerde om toch via de Verenigde Naties te opereren. Dat leidde in eerste instantie tot nieuwe inspecties in Irak, die geen massavernietigingswapens opleverden. Bovendien rapporteerde het Internationaal Atoomagentschap dat het uitgesloten was dat Saddam Hoessein een nieuw nucleair programma was begonnen. Daarom leek het iedereen verstandig nog wat verder te inspecteren tot volledige zekerheid kon worden geboden – iedereen behalve de Amerikanen. Zij hadden haast en vielen Irak aan op 20 maart 2003, zonder legitimatie van de Veiligheidsraad.

Het verbaasde niemand dat het bewind van Hoessein snel verslagen was. Op 1 mei 2003 landde Bush in vol pilotenornaat in televisiegeniek strijklicht op het vliegdekschip Abraham Lincoln en verklaarde dat de oorlog gewonnen was. Mission accomplished. Maar massavernietigingswapens waren er niet gevonden en de oorlog was helemaal niet gewonnen. Hij begon net.

5 Soennieten

In Irak ontwikkelde zich een verzetsbeweging die de Amerikanen tot wanhoop dreef met guerrillatechnieken. Dat verzet had ruim voldoende rekruten vanwege het kortzichtige optreden van de Amerikaanse bewindvoerder in Irak, Paul Bremer, die ooit enige jaren de Amerikaanse ambassadeur in Nederland was geweest.

Zijn eerste twee belangrijke besluiten waren de opheffing van de Ba’ath-partij, het politieke instrument van Saddam Hoessein, en de opheffing van het Irakese leger. Daardoor werden honderdduizenden mannen van het ene op het andere moment beroofd van hun baan en broodwinning. Ze kregen enige tijd een minimale compensatie uitbetaald, maar daarvan konden ze niet leven.

Het merendeel van de ontslagen militairen was soennitisch, net als de leden van de opgeheven Ba’ath-partij. Zij vormden een minderheid, maar hadden onder Hoessein de sjiieten systematisch onderdrukt. En nu was hun positie in het geding. De soennieten waren bevreesd voor onderdrukking door de sjiitische meerderheid. Vandaar dat een aanzienlijk deel van hen zich aansloot bij het verzet.

6 Al-Baghdadi

Een van de vroege militante opstandelingen was de man die zich nu Aboe Bakr al-Baghdadi noemt, de Nieuwe Kalief, de leider van IS. Zo belandde hij in 2004 in een Amerikaans interneringskamp, en daar ontmoette hij de werkloze en geïnterneerde officieren van Saddams leger. Nu, tien jaar later, vormen zij het kader van Al- Baghdadi’s effectieve strijdkrachten.

In 2010 kreeg Al-Baghdadi de leiding over de Islamitische Staat in Irak, in feite de Irakese afdeling van Al Qaida. Toen Osama bin Laden op 2 mei 2011 in Abbottabad in Pakistan door Amerikaanse commando’s werd geëxecuteerd, beloofde Al-Baghdadi vreselijk wraak te zullen nemen. En hij heeft zijn belofte volledig waargemaakt.

De oorzaak van de narigheid is hemeltergende Amerikaanse onkunde

We kunnen Al-Baghdadi beschouwen als een begaafde leerling van Bin Laden, die ook droomde van een Nieuw Kalifaat. Dat Al-Baghdadi de kans kreeg een succesvol terrorist te worden, heeft hij te danken aan de ideale omstandigheden die de Amerikanen in Irak voor het terrorisme hebben gecreëerd.

In 2013 breidde de Islamitische Staat in Irak zijn werkzaamheden uit naar Syrië, vanwege de daar woedende burgeroorlog. Daar kwam Al-Baghdadi op het idee een nieuwe staat te stichten, de Islamitische Staat in Irak en Syrië (ISIS), die valt te beschouwen als het begin van het Nieuwe Kalifaat.

7 Sjiieten

In 2006 kreeg Irak na een voorlopige regering een democratisch gekozen regering onder leiding van de sjiitische Nouri al-Maliki. Objectieve waarnemers zijn het erover eens dat Al-Maliki stap voor stap een sektarisch, sjiitisch bewind heeft gevestigd. Soennitische functionarissen werden uit hun posities verwijderd en overal was sprake van systematische repressie van soennieten.

Dat is de achtergrond van de snelle expansie van IS in het noorden van Irak, buiten Irakees Koerdistan: de sjiitische meerderheid woont in het zuidoostelijke deel van Irak dat grenst aan Iran. De Koerden zijn ook soennieten, maar geen Arabieren.

De soennitische bevolking van een reeks van steden langs de bovenloop van de Eufraat en de Tigris, de repressie van het sjiitische bewind beu, was bereid gemene zaak te maken met IS. Het nieuwe Irakese leger, getraind en bewapend door de Amerikanen, bleek toen het erop aankwam niets voor te stellen. Het liet zijn wapens achter en sloeg op de vlucht, waardoor de Amerikanen voor de zoveelste maal in de recente geschiedenis hun ergste vijanden van moderne wapens hebben voorzien.

8 Ruïne

De bombardementen die de Amerikanen en hun bondgenoten op de posities van IS uitvoeren, zullen zeker aanzienlijke effecten hebben. Maar of ze voldoende zullen zijn om aan het Nieuwe Kalifaat een einde te maken is zeer de vraag. Daarvoor is een effectieve strijdmacht nodig, en die is er niet. Bewapening door de Amerikanen van de Syrische oppositie is risicovol, vanwege de kans dat IS de wapens zal bemachtigen. Intussen hebben de Amerikanen in Irak precies het tegenovergestelde bereikt van wat ze beoogden. Een vreedzaam Irak moest een democratisch, pro-Amerikaans baken worden in het Midden-Oosten, maar het land is uiteen is gevallen. Van die omstandigheid heeft IS gebruikgemaakt voor de stichting van zijn Nieuwe Kalifaat. Uit de ruïne van de onnozele Amerikaanse ambities is een monster opgerezen.

De oorzaak van de narigheid is als zo vaak de Amerikaanse desinteresse en dus hemeltergende onkunde omtrent de plaatselijke omstandigheden.

9 Interventie

Binnenkort zullen de Amerikaanse gevechtstroepen ook definitief uit Afghanistan verdwijnen; er blijven alleen enkele duizenden trainers achter. Ook daar heeft de Amerikaanse interventie geen van de gewenste effecten gehad. De macht van de taliban is in grote delen van Afghanistan niet minder dan in 2001. In Libië heeft de westerse interventie al evenmin een positief resultaat opgeleverd. Zo hebben de duizenden miljarden dollars die de Amerikanen sinds 2001 hebben uitgegeven om het terrorisme te bestrijden datzelfde terrorisme juist bevorderd. De VS zouden moeten besluiten in het Midden-Oosten een flink aantal stappen terug te zetten. Een dergelijke zelfbeheersing zal grote moeite kosten, want de interventie-impuls is enorm krachtig. Militair optreden staat altijd goed – althans aanvankelijk – en er zijn altijd meerderheden voor te vinden in het Congres.

In Hillary Clinton – wellicht de volgende president – hoeven we op dit punt geen enkel vertrouwen te koesteren. In 2002 stemde ze voor de Amerikaanse aanval op Irak, zonder zich behoorlijk op de hoogte te hebben gesteld van de situatie. Haar echtgenoot adviseerde haar toen: ‘Better strong but wrong, than right but weak.’ Daar hebben we het intellectueel gebrek van de Amerikaanse beleidselite in een notendop.

Uit Maarten! 2014-6

DOOR MAARTEN VAN ROSSEM

maandag 13 november 2017
Meer lezen