Reizen met Sis: naar Iran (deel 1 en 2)

Reizen met Sis: naar Iran (deel 1 en 2)

DOOR SIS VAN ROSSEM

woensdag 28 november 2018
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.

Deel 1


Nooit wist ik zo zeker als dit jaar dat het ultieme doel van reizen het thuiskomen is. Nooit heb ik meer naar mijn eigen huis verlangd dan dit jaar. Maar hoe komt dat? Ik denk dat ik gewoon veel te moe was toen ik naar Iran vertrok. Voor vertrek waren we drie weken achter elkaar bezig met de opnames voor Hier zijn de Van Rossems. De dagen thuis waren gevuld met de ellende van de renovatie van het dak. Dat betekende nooit meer uitslapen, want al vroeg klommen de werkers via de steiger omhoog en begonnen met hun werkzaamheden. Dat dak lekte als een zeef en ik wilde wel dat het gemaakt was, want drie weken weg en niemand die de kletsnatte dweilen en handdoeken zou uitwringen. De dag voor vertrek was het dak klaar.
 
Op naar Schiphol, het wachten begint. In Istanbul maken we een tussenlanding en overstap naar een ander vliegtuig. Op het vliegveld raken we elkaar kwijt. Daar zijn we goed in. Ik blijf bij de gate zitten waar we uit zijn gekomen, Coen begint te rennen om een schermpje te vinden waar het nummer van de gate van het volgende vliegtuig op voorkomt. Ik wacht en wacht, maar Coen komt niet terug. Dan zie ik hem als een dolle stier langs de plek rennen waar ik zit. Hij kijkt op noch om en is duidelijk op zoek naar mij. Ik kan niet roepen want ik zit in een gesloten ruimte.

Nu raak ik toch wel in paniek, want het is een immens groot vliegveld en hij kan zoeken tot hij een ons weegt. Nog stommer dat hij zijn mobiele telefoon niet aan heeft. We moeten de volgende vlucht wel halen, dus wat moet ik doen? Ik probeer toch te bellen. Ik krijg hem aan de lijn, maar alsof hij stervend of stom dronken is. Oh, vast neergeslagen in een uithoek van dat vliegveld en beroofd van de pakken geld die we bij ons hebben. In Iran kan je namelijk niet pinnen.
 
Om een lang verhaal kort te maken: ik bedenk me plots om het nummer van de gate waar ik zit door dat telefoontje te schreeuwen. Hoera, Coen verschijnt weer. Hij dacht ook dat er iets heel ergs met mij was, want hij hoorde me ook zo vreemd. We halen net op tijd de aansluitende vlucht. Dan landen we in de hele vroege ochtend safe op het vliegveld bij Shiraz en daar is onze steun en toeverlaat Abad. Onze chauffeur, tolk, nou ja persoonlijke begeleider. Coen kent hem al zeven jaar, dit is voor mij de derde keer. Hij brengt ons naar het hotel waar ik uitgeput in bed val.
 
Maar dan begint de reis pas echt natuurlijk. De afstanden zijn immens en soms zit je 12 uur in het busje zonder fatsoenlijke wc’s. Het zijn gaten in de grond, dus dat hurken, geen wc-papier en meestal zijn ze immens vies. Voor iemand van mijn leeftijd valt dat hurken niet mee.
 
Natuurlijk zien we prachtige dingen, dat is de bedoeling van de reis. Maar dit jaar vielen me ook flink wat minder mooie dingen op. Ik heb me denk ik het meest opgewonden over de gruwelijke positie van de vrouw, maar ook over de verschillen tussen rijke en arme mensen. Omdat het geld niets meer waard was zaten we soms in 5 sterrenhotels. Daar zie je dus ook de rijke Iraniërs, nou ik werd daar niet blij van. Te dik, lawaaierig en onbeschoft.
 
Helaas zit ik al aan de mij gegunde hoeveelheid woorden, dus volgende week deel twee.
 

Deel 2


Ik was nu voor de derde keer in Iran, want ik had sterk de indruk dat het land toch een verslavende werking op me had. Inmiddels is dat niet meer zo.

Door te weinig woorden heb ik mijn beschrijving over het wc-gebeuren wat kort moeten houden. Nu ik ook deel 2 kan doen, ga ik daarover door. De afstanden in Iran zijn dus immens en vaak zit je 12 uur in het busje. Dan denk je: nou er zullen toch wel restaurants zijn of zo waar je naar de wc kan? Nee dus. Je moet het hebben van openbare wc’s bij benzinepompen en moskeeën. Mannen en vrouwen natuurlijk strikt gescheiden. Meestal is het toegangspad een struikelgebiedje met tenslotte een halve meter hoge stoep zonder leuning of wat dan ook. Eenmaal in het gammele gebouwtje is de stank zo goed als onverdraaglijk. De deur kan meestal niet op slot. Er is geen haak waar je je tas aan op kan hangen, geen wc-papier en de wc is een gat in de grond. Ik heb geen zakken, dus ik stopte het meegebrachte wc-papier maar in mijn beha. Hurken boven dat gat op mijn leeftijd valt niet mee.
 
Lunchen doen de Iraniërs op een kleed op de grond. In de openlucht, want picknicken is een nationale hobby. Meestal gebeurt het op een plek waar veel afval en troep ligt. Wij dus ook, want onze chauffeur verzorgt de lunch en is een Iraniër. Gelukkig had hij vorig jaar al twee vissersstoeltjes gekocht. Dit jaar had hij een ingenieuze constructie gemaakt die achter het busje kon worden uitgeklapt zodat we een soort tafeltje hadden en niet van de grond hoefden te eten. Vreemd genoeg hebben we nooit diarree gehad.

Vrouwen mogen wel studeren, maar daarna houdt het op

In de hotels wordt door de Iraniërs alleen ontbeten in de eetzaal. ‘s Avonds wordt de warme maaltijd op de kamer genuttigd, weer zittend op de grond. Liefst met de kamerdeur open, dus je kunt goed zien hoe de hele familie op de grond zit te eten. Het eten wordt of van het hotel betrokken of ergens afgehaald. Eigenlijk zaten we alle dagen ergens alleen te eten. Ook in de spaarzame restaurants is niemand. Ja, ze halen hun voedsel daar zoals wij bij de afhaalchinees.

Maar nergens en nooit heb ik zo sterk gevoeld hoe het is om als vrouw niemand en niks te zijn. Je bestaat niet! De mannen lopen gewoon tegen je aan. Het is toch normaal om iemand eerst uit een lift te laten komen? Nou, daar niet. Ben je een vrouw, dan hoor jij aan de kant te gaan. Je loopt achter een man. Waar je ook bent: mannen gaan voor. Als ik zonder man aan de balie van een hotel iets vraag aan de baliemedewerker, dan wordt dat als vreemd ervaren en helemaal gênant als ik die medewerker dan ook nog eens aankijk. Mijn man hoort dit soort dingen te doen.
 
Vrouwen mogen wel studeren, maar daarna houdt het op. Er is geen werk of amper werk en als je getrouwd bent is het niet de bedoeling dat je werkt. Als man zeg je dan eigenlijk dat je niet voor je gezin kunt zorgen. Ook bij ons was dat overigens vroeger zo en niet eens zo lang geleden. De generatie van mijn grootouders, zou ik zeggen.
 
Verder is natuurlijk alles strikt gescheiden. Onze chauffeur vertelde dat vrouwen en mannen gescheiden zwemmen. Ja, ook als je getrouwd bent! In de moskee: een ingang voor de vrouw, een ingang voor de man. Als vrouw heb je maar één functie: kinderen krijgen. Je bent dus een broedmachine. Wat een ongelofelijke zegen om als vrouw in Nederland geboren te worden en te leven. We hebben alle kansen, we kunnen en mogen werken, carrière maken en al dan niet kinderen krijgen.  
woensdag 28 november 2018

Gerelateerde artikelen

Op pad met Sis: Afslag gemist

woensdag 3 oktober 2018

Sis over het burkaverbod: ‘Nederlanders tolerant? Vergeet het maar!’

woensdag 8 augustus 2018

Bewegen met Sis: Het kan verkeren

dinsdag 12 juni 2018

Welkom bij Maarten!

Maarten van Rossem is 's lands bekendste historicus en Amerikadeskundige. Hij is een veelgevraagd commentator op radio en tv en heeft een eigen blad: Maarten!. Verwacht diepgravende interviews, scherpe analyses en verrassende opinies.

Maak nu gratis kennis met onze journalistiek. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ruim tien jaar Maarten! gebundeld. Lees bijvoorbeeld waarom Baudet gelijk heeft als hij zegt Fortuyns erfgenaam te zijn, wat Maarten van het Nederlandse onderwijs vindt en hoe Amerika het IS-monster gecreëerd heeft.

Wilt u de beste verhalen uit Maarten! in uw mailbox ontvangen? Meld u dan aan voor onze gratis nieuwsbrief.